Tim Overdiek – Rik Smits, Dunking Dutchman

Tags

, , , , , , , ,

13-067Tim Overdiek – Rik Smits, Dunking Dutchman

Overdiek was jarenlang correspondent in de VS, ik gok dat zijn interesse voor de NBA daar gewekt is. Ik kende hem niet als basketballkenner ten minste. Maar de eerste Nederlander die het als basketballer maakte in de beste competitie ter wereld is natuurlijk wel bijzonder. Verdient ook absoluut een biografie. Of hij dat zelf ook vindt, is te betwijfelen. Het beeld dat je al snel van Smits krijgt in dit boek is er een van een introverte jongeman die door zijn lengte gedoemd was om basketballer te worden, maar eigenlijk het liefst sleutelt aan brommers en later oude auto’s.

Dat is ook meteen het cliché beeld dat blijft hangen. “Hij is zo gewoon gebleven”, “hij blijft een nuchtere Nederlander” en “hij is zichzelf en dat is een hele prestatie”. Best jammer, want de beste prestatie is volgens mij nog altijd dat die jongen uit Eindhoven een van de beste spelers van de NBA werd. En dat was zeker geen logische levensloop.

Hij begon laat met het spelletje. Kwam uit een land waar basketball niets voorstelde. Had weinig natuurlijke aanleg. Eigenlijk sprak er maar een ding voor hem: zijn lengte. Daar kwam wat bij. Doorzettingsvermogen. En dat was een belangrijke eigenschap voor de puber uit Eindhoven die zijn school niet afmaakte en bij de beroepskeuzeadviseur voor een schok zorgde: basketballen als beroep? Bestond dat?

Stap voor stap ging Smits verder. Marist college was geen grote naam in de NCAA. Maar voor hem was het de juiste stap. En na een paar jaar weer een treetje omhoog. De Pacers uit Indiana. En elke keer weer verbaasde hij iedereen om zich heen. Elke keer weer moest hij beter worden en werd hij beter.

Het verhaal is mooi. Interessant voor liefhebbers. Maar tegelijkertijd ook weer niet echt boeiend voor buitenstaanders. Je moet wel weten wie Smits is om het boek in de hand te nemen. Het is geen Gijp, door iedereen gelezen. Wel leuk is de lijst achterin het boek, van titels uit de Nederlandse Sportbibliotheek, een prachtige serie boeken van Thomas Rap. Terwijl de lijst al is gevorderd tot deel 30, zijn deel 10 en 12 bijvoorbeeld nog steeds in ontwikkeling. En ik zie toch ook boeken staan die ik nooit in de boekhandel ben tegengekomen. Een boek van Danny Blind en Julien Bracco Gartner? Volgens mij de drukpers niet gehaald.

Terug naar Smits. Die heeft het toch maar goed gedaan. All Star. Beslissende punten. Vele miljoenen verdiend. Het maximale uit zijn mogelijkheden gehaald. Overdiek beschrijft het goed, raakt de juiste snaar als het om de sportman gaat, objectief zonder afstandelijk te schrijven. Gewoon zoals Smits was. Je best doen om zo goed mogelijk te worden. Dat is Overdiek ook gelukt. Passende biografie dus.

Citaat: “O’Neals bitte geweld was niet voldoende om Smits af te stoppen, en daar was het team zich terdege van bewust. (…) Op alle mogelijke manieren probeerden we Rik in de problemen te brengen door hem persoonlijke fouten aan te smeren. Alles is geoorloofd tegen de vierde of vijfde beste center in de wereld.” (p.248/249)

Nummer: 13-067
Titel: Rik Smits Dunking Dutchman
Auteur: Tim Overdiek
Taal: Nederlands
Jaar: 1997
# Pagina’s: 279 (12326)
Categorie: Sport
ISBN: 90-6005-840-2

Meer:
Bol (bestellen)
Rik Smits (Wikipedia)
Tim Overdiek (Wikipedia)
Boek gesigneerd te bestellen
RikSmits.nl

Laat eens wat van je horen (064-066)

Tags

, , , ,

Citaten uit kranten en tijdschriften die ik de afgelopen jaren de moeite vond.

064:

In 2012 loste de politie 270.000 misdrijven op – dat is een daling van 20 procent ten opzichte van 2005. Ook het gemiddeld ophelderingspercentage daalde, van 25,2 in 2005 naar 23,7 in 2012.

Folkert Jensma, Juridisch redacteur NRC, 7-12-13

065:

In 2008 was Romney een van de meest rechtse Republikeinse presidentskandidaten; nu is hij de gematigdste onder hen. ‘In deze campagnes draait alles om plankruimte,’ legt zijn adviseur behulpzaam uit tegenover The New Yorker. ‘Je kijkt naar de rest van het aanbod van kandidaten en bepaalt waar je het beste past. Dat bepaalt hoe je je ideologisch opstelt.’

Max Westerman, Maarten, maart 2012

066:

Hij vertelde zijn kleinkinderen vaak spannende verhalen die bijvoorbeeld beginnen met ‘Opa wou laatst naar de hoeren, maar hij had nog maar 20 euro…’, dus ze vinden hem wel gezellig.

Sylvia Witteman, Volkskrant 2013

211 – Fools Garden – Lemon tree (Gerbie’s top 212)

Tags

, ,

Nummer  211
Artiest  Fools Garden
Titel  Lemon Tree
Jaar  1994
Wikipedia  Lemon Tree
Website  Fools Garden
Tekst  Song meanings

Een one-hit wonder. Duitse band, zong in het Engels. De single werd uitgebracht in 1995, het werd een jaar later een grote hit. Destijds werkte ik ‘s winters in Oostenrijk. Aangezien dat land qua smaak volledig afhankelijk is van de grote Noorderbuur, was het nummer daar ook populair. Die populariteit was minstens zo groot onder mijn collega’s, Engelse reisleiding en hotelpersoneel. Menig maal verbaasde ik mij over die laatste groep. Voor een salaris dat op dat moment in Nicaragua nog als twijfelachtig zou worden gezien, werkten ze de hele winter, zes dagen per week in een rotbaantje. Waar ze de meeste avonden van gingen stappen vraag ik me nog steeds af. Maar het nachtleven in Saalbach draaide het grootste deel van het seizoen op seizoenswerkers, niet op toeristen.

Lemon Tree begint extreem herkenbaar, in een introquiz zou het als weggevertje worden gezien. Het jaren tachtig orgeltje was in Duitsland nog volop in gebruik, maar het was het eind van de eerste ‘regel’ dat voor chaos zorgde. De eerste keer was ik niet voorbereid. De hele avond zeurde men bij de diskjockey van dienst om dit nummer. Ik wist dat het populair was, maar begreep niet waarom men zo graag dit lied wilde horen. De diskjockey ook niet, dus na een aantal verzoekjes gaf hij toe.

Het orgeltje klinkt, na een paar seconden het geluid van brekend glas en de hel brak los. Tientallen Engelsen gooiden op dat moment hun, in allerijl geleegde, glas op de dansvloer. De hele vloer was bezaaid met glas. De toko werd snel geruimd, waarna in de volgende uitgaansgelegenheid het spel weer van voor af aan startte. Er sneuvelde veel glas die winter. In menig kroeg werd het nummer verboden. De ergste ravage heb ik (gelukkig) gemist, in het ‘eigen’ clubhotel, onder het hoofdkantoor, is geen glas heel gebleven.

Al achttien jaar een pavloviaanse reactie bij het horen van dit nummer dus.

Gerbie’s top 212: Uitleg en regels. De volledige lijst tot nu toe: Top 212

Hard Gras 89 – Op weg naar het einde

Tags

, , , , , , , , , , , , , ,

13-066Hard Gras 89 – Op weg naar het einde

We beginnen met een verhaal over Wesley Sneijder door Özkan Akyol. Leuk voor hem dat hij een vliegticket naar Istanbul mocht declareren. Hij schrijft wel een vermakelijk verslag van een wedstrijd van Galatasaray waar hij samen met een neef naar toe ging.

Echt goed wordt het als in het tweede verhaal Edwin Winkels de autobiografie van Zlatan (achternaam overbodig) vergelijkt met Portnoy’s complaint van Philip Roth. Dit is waarom Hard Gras een literair blad wordt genoemd, het verschil met vluchtige websites en halve roddelblaadjes (VI) is duidelijk.

Een postuum debuut van Paul Teunissen is minder vlot geschreven, maar wel vergelijkbaar met het verhaal van Winkels. Messi als gitarist. Kun je JJ Cale vergelijken met Jimi Hendrix? Is het mogelijk om te kiezen tussen Christiano Ronaldo en Lionel Messi?

In 1997 liep er een lichting jeugdspelers bij Ajax waarvan extreem veel werd verwacht. Toch haalde slechts reality-ster Andy van der Meijden echt de top. En dan nog niet eens zo heel lang. Wat ging er mis? Een reconstructie van Sander van Hal.

De Bernardino mails gaan volledig langs me heen, dat gebeurt me niet vaak in Hard Gras. Zal wel aan mij liggen. Een verhaal over een voetbalschool in China is weer wel leuk om te lezen, vooral omdat ik altijd nieuwsgierig ben naar voetbal in niet-voetballanden. En omdat er altijd Nederlanders bij betrokken zijn, waar dan ook ter wereld. Denken wij het echt altijd beter te weten of zit de zendingsdrift van de middeleeuwen nu in de voetbalwereld?

Citaat: “Succes, blonde vrouwen en moeizaam aangeleerde tafelmanieren tillen Portnoy en Zlatan uiteindelijk uit het getto. Portnoy krijgt zijn topbaan in het New Yorkse stadsbestuur; Zlatan wordt de beste Zweedse voetballer aller tijden. Hun ouders aanschouwen het succes met open mond.” (p.28)

Nummer: 13-066
Titel: Hard Gras 89 – Op weg naar het einde
Auteur: Diversen (Annemarie Postma, Edwin Winkels, Thijs Pennings, Leo Verheul, Jan van der Mast e.a.)
Taal: Nederlands
Jaar: 2013
# Pagina’s: 136 (12047)
Categorie: Voetbal
ISBN: 978-90-713-5989-7

Meer:

88 87 86 85 84 83 82 81 80 79 78 77 76 75 74 73 72 71 70 69 68 67 66 65 64 63 62 61 60 59 58 57 56 55 54 53 52 51 50 49 48 47 46 45 44 43 42 41 40 39 38 37 36 35 34 33 31 30 29 28 27 26 25 24 23 22 21 20

Goorse vragen (deel 125)

Tags

, , ,

Zou de boake echt niet meer gebouwd kunnen worden als de gemeente geen hout meer levert? Of spelen de boakebouwers en de gemeente een diplomatiek spelletje om de gunst van het grote publiek?

Goorse vragen. Vragen die in mij opkomen bij foto’s die ik her en der in mijn woonplaats neem. Antwoorden en reacties zijn welkom. Ik weet het zelf vaak ook niet.

Mike Blake – Baseball chronicles

Tags

, , , , , , ,

13-065Mike Blake – Baseball chronicles

Honkbalboeken in de VS zijn net als voetbalboeken in Nederland. Vrij voorspelbaar. Een biografie van een oude voormalige vedette. Een onvoltooide biografie van de ster van dat moment. Een seizoen van een bepaalde club. Een boek met cijfertjes en statistieken.

Dit boek is een mooie uitzondering hierop. Blake heeft jaren gewerkt aan deze collectie verhalen en heeft een geweldig criterium bedacht: De mooiste verhalen. Hij sprak dus tientallen, honderden honkballers en vroeg ze om hun beste verhaal. En daar dan weer de beste van staan in dit boek. Het boek gaat dus niet over de beste honkballers. Niet over een recordseizoen. Niet over de grootste schandalen, maar gewoon de leukste verhalen.

Sommige spelers zijn geboren vertellers, anderen waren geweldige spelers, maar hebben niets te melden. Op weg naar de VS begon ik in deze collectie, ter plekke, las ik tig verhalen verder, al was het honkbalseizoen zo goed als afgelopen. Het is ook geen boek om in een ruk uit te lezen. Elke keer een paar stukjes en je hebt een tijd lang leesplezier.

Wat ik best jammer vind, is de indeling per decennium. Zeker omdat er ook aan het begin van elk hoofdstuk een lijstje met ‘hoogtepunten’ uit dat tijdsvak staat. Nu is het best goed om een tijdsbeeld te hebben waarin de anekdotes te plaatsen vallen, maar om nu voor de zoveelste keer te lezen dat een bepaalde speler 4HR en 9 RBI in een wedstrijd behaalde, is niet echt boeiend.

Mooi voorbeeld van een speler die alleen in dit boek zou kunnen verschijnen is Buddy Hancken. Zijn MLB carrière was kort. Erg kort. Als pinchrunner in het veld gekomen in de laatste inning, twee uit, is hij de catcher voor de laatste drie uit. Verder heeft hij nooit meer een wedstrijd gespeeld op het allerhoogste niveau. Maar sluit hij zijn verhaal lachend af: “I may be the only catcher in Baseball history to have a perfect catching career – no one ever got on against me.”.

Grappig nutteloos feitje: Op 19 augustus 1951 speelt komt als pinch hitter Eddie Gaedel aan slag. Hij krijgt vier wijd en verlaat het veld voor een pinch runner. Gaedal is 3’7” lang (91 cm). Hij kreeg rugnummer 1/8.

Nog een bijzondere: Richie Ashburn raakt dezelfde toeschouwer twee keer in een at bat. Eerst breekt hij haar neus, dan raakt hij haar nog een keer als ze op een brancard wordt afgevoerd. In totaal slaat hij 17 foul balls in die ene keer aan slag.

Vele verhalen van de spelers zijn leuk om te lezen, ze hebben het over beroemde teammaten, over kleedkamerhumor, over het leven als honkballer. De verdeling in tijdvakken betekent automatisch dat dit boek een stukje geschiedenis beschrijft. De verhuizing van de New York teams naar de westkust, de eerste zwarte spelers in de MLB, het verschil tussen noord en zuid. Alles zit er in. Zo kan dit boek ook gelezen worden als een beschrijving van de VS aan de hand van honkbalverhalen. Alleen daarom al is het een leuk boek.

Natuurlijk is het leuk om te lezen over Babe Ruth, Mickey Mantle en Yogi Berra. Achterin kom ik eindelijk de spelers tegen die ik ken, als volger sinds een kwart eeuw. Tony Gwynn, Ozzie Smith en Dave Winfield, de spelers die ik nog heb zien spelen (op televisie dan).

Is er dan niets aan te merken op dit boek? Tuurlijk wel. Een belangrijk criterium van de schrijver is dat hij de verhalen alleen in zijn boek opnam, als hij ze zelf hoorde van de bewuste speler. Zo zijn er vele mooie verhalen gemist omdat de verteller ondertussen overleden was. Ook de eindeloze lijst feiten had een stuk korter gekund. Een bijna perfecte wedstrijd van een werper is geen bijzonderheid meer als je 23 Perfect Games hebt gehad in de geschiedenis. Niet elk verhaal is even boeiend, maar dat kan ook niet als je er honderden vastlegt. Maar al met al vond ik het erg interessant om een dikke pil te lezen over een sport die in Nederland nog altijd ondergewaardeerd wordt.

Citaat: “Pittsburgh Pirate hurler Dock Ellis throws a no-hitter against San Diego, 2-0. He walked eight and got help from Willie Stargell, who hit two homers. Ellis admitted later that he played the game under the influence of LSD and that the fieldwas ‘melting around him’. He pleaded with manager Chuck Tanner to take him out in the fifth.” (p.220)

Nummer: 13-065
Titel: Baseball chronicles
Auteur: Mike Blake
Taal: Engels (US)
Jaar: 1994
# Pagina’s: 324 (11911)
Categorie: Sport (Baseball)
ISBN: 1-55870-350-0

Meer:
Amazon (zelf kopen)

Meer honkbal op gerbie.nl:
Robert K. Adair – The physics of baseball
gerbie.nl (baseball tag)

Onbeschrijflijk mooi

Tags

, , , ,

IMG_1335Vreemde titel als je meteen daarna toch gaat beschrijven wat je hebt gezien. Maar het is zo lastig om in woorden te vatten hoe goed The Kyteman Orchestra was afgelopen vrijdag in Enschede. Het woord uniek komt te vaak voor in recensies, of het nu om boeken, films of muziek gaat, binnen een paar maanden is het al weer vergeten of verbeterd. In dit geval heb ik echt iets unieks gezien. The Jam Sessions zorgen er namelijk voor dat je echt iets eenmaligs ziet. Aan het begin van de avond weten zelfs de muzikanten niet wat er gaat gebeuren. Wel dat ze gaan improviseren.

Colin Benders, de genius achter dit verhaal, deed nog een poging om tussendoor even wat uit te leggen. “Drie kwart van ons weet ook niet waar het heen gaat”, het was bijna niet te geloven. In het publiek zag ik een geoliede machine, een orkest van 21 rasmuzikanten die vele stijlen door elkaar gooiden. Zo maar wat namen die door mijn hoofd schoten tijdens de avond: Focus, Deep Purple, Vivaldi, Miles Davis, Coldplay, Bach, Queen, Orff, Gangstarr, Frank Zappa en dan ben ik niet eens een muziekkenner, mis ik vast nog een hoop.

Het was klassiek met pop, jazz met hiphop, het was onbeschrijflijk. Muziekstukken van twintig minuten die op meerdere punten afgelopen leken te zijn laaiden aan de andere kant van het podium weer op. Strijkers namen melodielijnen over van blazers, solisten trokken ineens het hele stuk naar zich toe, rappers bedachten soms een tekst die zou kunnen passen bij de muziek van dat moment.

Ongelooflijk jaloers was ik op de muzikanten op het podium. Dat je zo goed bent dat je inspeelt op een ander en in de tussentijd gewoon een volle zaal op apegapen legt. Dat je met klanken humor de zaal in kunt schieten. Dat je ooit begon op tubales, wetende dat de lokale fanfare je einddoel was, om dan ineens jaren later op de poppodia van Nederland te staan.

IMG_1332En voor deze verzameling muzikale talenten staat een bescheiden trompettist, die slechts twee keer zijn eigen instrument bespeelde. Die zich bijna geneert als hij uitlegt wat ze aan het doen zijn. Die vol overgave het orkest op onorthodoxe manier aanstuurt, die zonder twijfel wordt gezien als de leider van het geheel. Een muzikaal talent zoals ik er geen een ken. Als leek zou het zo maar kunnen dat hij er alleen maar zich staat uit te sloven en dat de muzikanten hun eigen gang gaan, maar alles wijst er op dat ze naar hem luisteren. Hoe daar dan zulke geweldige muziek uit kan komen, ik heb geen idee, maar ik ben blij dat ik er getuige van mocht zijn.

Een ding weet ik zeker. Doordat ze elke avond alleen maar improviseren, heb ik iets gezien dat niemand ooit weer zal zien. Daarom ben ik trots dat ik het mocht zien.

Meer Kyteman op gerbie.nl:
Crossing Border (15-12-2012)
Pinkpop 2012
HMH Amsterdam (november 2009)
Wat een talent> (maart 2009)

212 – White Stripes – Seven nation army (Gerbie’s top 212)

Tags

,

Nummer  212
Artiest  White Stripes
Titel  Seven Nation Army
Jaar  2002
Wikipedia  Seven Nation Army
Website  White Stripes
Tekst  Az Lyrics

Bij hun doorbraak beweerde drummer Jack White dat ze broer en zus waren. Ze bleken getrouwd. En ook al gescheiden toen hun grootste hit Seven Nation Army een grote hit werd in 2003. En dan niet zo zeer een hit als in grote verkoopcijfers, hoge hitparadenoteringen (in Nederland haalde het de top tien niet eens), maar wel als in populariteit. Het nummer bleek aan te slaan bij velen, werd gebruikt in films, televisieprogramma’s en in sportstadions. Vele voetbalfans kozen het nummer voor hun zangkoren, tot de Uefa besloot het nummer officieel te gebruiken op het EK 2008. Mooi detail: twee jaar daarvoor hadden de Italianen het nummer gekozen als hun onofficiële volkslied, ze werden er wereldkampioen mee.

In 2011 kreeg het nummer een politieke lading toen het werd gebruikt in een documentaire over de revolutie in Egypte. Ook daar bleken de demonstranten op straat niet door zeven legers te kunnen worden verdreven.

De baslijn werkt aanstekelijk, het pompende drummen opwekkend. Heerlijk nummer om mijn persoonlijke hitlijst aller tijden mee te openen.

Gerbie’s top 212: Uitleg en regels.

The times they are changing

Tags

, , , , , , , , , ,

Goal, juni 2010

Bron: slrhs.files.wordpress.com

Bron: slrhs.files.wordpress.com

Tijdens het lezen van oude wedstrijdverslagen voor het jubileumboek kwam ik een verslag tegen van ons eerste uit bij Heracles, jaren twintig vorige eeuw. Wat me opviel ging niet over de wedstrijd, maar over de supporters. Er waren namelijk meerdere GFC-ers komen lopen naar Almelo om de wedstrijd te bekijken. We kunnen ons niet meer voorstellen dat dat nodig was. Niet alleen waren de mensen te arm voor een eigen vervoermiddel, ook was voetbal belangrijk genoeg om een hele dag van huis te zijn. Uren wandelen naar Almelo en anderhalf uur later weer terug.

Toen ik zelf voetbalde had ik klasgenoten die een zaterdagbaantje hadden. Ik niet. Voetbal was te belangrijk. Geld minder. Ik deed vakantiewerk in de zomer en de rest van het jaar had ik daardoor een kleine aanvulling op mijn zakgeld. Ik overwoog niet om te stoppen met voetballen. Toch had ik al veel meer keuzemogelijkheden dan mijn voorgangers bij GFC zestig jaar eerder. Er waren andere sporten, hangplekken, bijbaantjes en een uitgaansleven.

Tegenwoordig zien we, ook bij GFC, dat voetbal slechts een van de dingen in het leven van de voetballer is. Een bijbaantje vanaf 14 is normaal, uitgaan is niet meer een mogelijkheid, maar een verplichting. Je moet ook je Hyves, Facebook en MSN bijhouden, anders ben je een sociale outkast. Je sport, je team is veel minder belangrijk dan vroeger. GFC verliest vele leden tussen de 15 en 21 jaar oud. We zijn daarin overigens niet bijzonder, vele clubs kennen het probleem.

Natuurlijk generaliseer ik als ik de drie tijdperken zo naast elkaar zet, maar ver zit ik er niet naast gok ik. Nog een verschil. In de jaren twintig had GFC 100 leden. In de jaren tachtig 400, ondertussen meer dan 700. Twee tegenstrijdige bewegingen dus. Terwijl de vereniging groeit, wordt de band met de club losser. ‘Een vriend voetbalt elders, dan ga ik daar ook heen’, is een gedachte die nooit bij mij opkwam. In een klas vol Hectorianen had ik vrienden bij alle drie de clubs vroeger. Maar ik was en bleef ’n rooi’n.

GFC moet nadenken over de toekomst. Terwijl een groeiende club meer kader, meer vrijwilligers nodig heeft, heb je minder mensen die zich zelf opwerpen. Vroeger was je trots als je gevraagd werd als jeugdleider, maar pas als je zelf in de senioren speelde. Nu zijn we blij dat er B-spelers zijn die leider willen zijn en fluiten C-spelers wedstrijden bij de F-jes. We moeten wel. Maar of het een goede ontwikkeling is betwijfel ik. Van twee selecties, vier elftallen, die elke week twee keer trainden, zijn we bij een uitgebreid eerste gekomen dat nog twee keer traint. Van vier naar negen elftallen, maar nu weer terug naar vijf.

Hoe gaan we de 750 leden waar GFC naar streeft allemaal dezelfde mogelijkheden bieden, goede faciliteiten, een goede organisatie? Betekent meer leden ook automatisch meer vrijwilligers?

De tijden veranderen, Bob Dylan zong het al. GFC verandert mee. Een website, een tribune, dames- en meisjesvoetbal, een G-team en Ukken hebben de plaats ingenomen van het zaterdagteam, zaalvoetbal en de Revue. We gaan klootschieten, terwijl we vroeger met Pinksteren fietsten. De ledenvergadering is geen Poolse landdag meer en gelukkig hebben we ook geen elftalcommissie meer die bepaalt wie er zondag in het eerste staat.

GFC heeft een erg rijke geschiedenis, het lijkt er op dat we ook een mooie toekomst hebben. Maar hoe dit toekomst er uit ziet, daar moet over nagedacht worden. Niet alleen door het bestuur, maar door de hele club. Door iedereen die zich betrokken voelt bij de club. Door iedereen die zondag naar Almelo zou lopen als ons eerste daar speelt en er geen andere mogelijkheid was om er te komen.

Lekker slapen

Tags

, , , , ,

Kwart over twee. Net geen 48 uur van huis geweest. Kapot. Heel even zitten, teletekst lezen en door naar bed. Vlak voor half drie nog even een kamer verderop kijken. Ze ligt heerlijk te slapen. Maar als ze doorheeft dat ik er ben, vraagt ze meteen of haar muziekje aan mag. Anders kan ze niet slapen. Natuurlijk doe ik dat voor haar. Nog een kus en ik kan naar bed.

Net voor ik de deur sluit, hoor ik een stemmetje uit het bed. “Was het een leuke vakantie papa?” Ze slaapt al weer als ik wil antwoorden. Maar beter kun je niet gaan slapen na zo’n uitstapje.

Gerbie’s top 212

Tags

,

Al sinds ik kan schrijven stel ik mijn eigen hitlijsten samen. Vooral in mijn tienerjaren nam ik dat heel serieus. Het wordt tijd voor een definitieve lijst.

In 2002 begon ik met het afspelen van mijn collectie cassettebandjes, allemaal kwamen ze een keer aan bod (meer dan zevenhonderd). Daarna de CD’s, die meteen allemaal in iTunes konden. Mijn pickup begaf het toen ik bij de E was, de meeste elpees moet ik dus nog een keer terugluisteren. Sinds mijn verjaardag heb ik een pickup met USB uitgang, dus ook alle driehonderd elpees zullen binnenkort een keer kort uit hun donkere hoek mogen, digitaliseren is het motto.

Al die jaren heb ik aantekeningen gemaakt, schriftjes, lijstjes. Wat wordt nu de ultieme hitlijst? Daarvoor moet ik met mezelf spelregels afspreken. Zoals voor elke hitlijst regels bestaan. Honderden titels kwamen in aanmerking. Over elk nummer wil ik een stukje schrijven. Honderd is een mooi aantal, maar waarom moet ik me daar aan houden? Het is uiteindelijk mijn lijst.

Ik kwam dus uit op 212 titels, mijn persoonlijke lijst met de 212 beste nummers aller tijden. Vanaf komende week elke dinsdag op mijn blog. Gerbie’s top 212.

Je moet even goed kijken

Tags

, , , , , , ,

Van der Meest, deel 62

SAM_3668

Vanaf het plein voor het paleis is het uitzicht over Monaco schitterend. Vooral de haven trekt veel aandacht. Maar als je goed kijkt zie je ineens het gras. Het scorebord. De tribunes. Hier wordt al jaren elk jaar om de Europese Supercup gespeeld. Sinds vorig jaar zit er ook veel oliegeld en sinds dit seizoen doet de lokale club weer bovenin de Franse competitie mee. Niet dat de lokale bevolking dat boeit. Nog geen tienduizend bezoekers gemiddeld.

Van der Meest, een serie foto’s van voetbal (-velden) over de hele wereld. Ode aan fotograaf Hans van der Meer.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 205 andere volgers