Tags

, , , ,

Goal, maart 2016

Oktober, tijdens de jaarvergadering werd een verbouwing aangekondigd door het bestuur. Sinds 1975 voetballen we op het huidige complex, kantine en kleedkamers stammen uit die tijd. GFC gaat binnenkort bewust om met energie, er komen zonnepanelen, diverse subsidiepotjes worden aangesproken en alles wordt beter.

De eerste gedachte die door mijn hoofd schoot, was dat we eindelijk af zijn van koude douches. In het verleden heb ik daar al eens een column over geschreven, zonder enig resultaat overigens. Maar eindelijk komt er een eind aan deze ergernis van vele actieve leden. Gekscherend zeggen we wel eens dat de douches al draaien op zonne-energie. In de zomer bloedheet, in de winter ijskoud.

De tweede gedachte was, al tijdens de vergadering, dat ik wel heel vaak heb kunnen ‘profiteren’ van deze koude douches. Aan de Deldensestraat mocht ik ooit al eens meetrainen bij de F-jes, in 1976 werd ik lid en sindsdien speel ik nog steeds. Goed, ik ben nogal eens met een rugzak op pad geweest, dus ik heb een paar (delen van) seizoenen gemist. Wie zou er vaker onder een koude douche hebben gestaan?

Kan niet zo moeilijk zijn om dat uit te zoeken. Als je ouder bent dan ik en nog steeds voetbalt, kom je in aanmerking. Iets jonger dan ondergetekende, maar continu voetballend kan ook. De rest kan ik uitsluiten. Ate Brunnekreef en Henk Rustenhoven schieten me als eerste te binnen. Bij mij in het team Dinand, Theo en Sander. Even doorredenerend heb ik door dat het uitmaakt of je in de selectie hebt gespeeld of niet. Of je de jeugd getraind hebt. Of je wel eens een wedstrijdje fluit. Iets gecompliceerder dan ik dacht dus.

Maar daar heb je computers voor. Gewoon in Excel zetten. Een seizoen in de selectie geeft kans op globaal 100 koude douches. In de lagere elftallen de helft daarvan. Leiders van de F-jes douchen minder vaak dan trainers van B of A. Dan is het een kwestie van doorrekenen. Het elftal dat de grootste kans had op koude douches heeft de volgende opstelling: in het doel Ate Brunnekreef. Achter:  Henk Rustenhoven, Arie Veling, Frits Toren en Sander ten Donkelaar. Middenveld: Dinand Klein Horsman, Jacob Kalsbeek, Theo Toornstra en Romano Lammertink. Voorin staan Hens ten Thije en ik zelf. Hans Kuipers en Henk Caarels zijn de wissels.

Aanvallers houden het minder lang vol, blijkt uit dit elftal. Of stoppen gewoon sneller. Dat is een voor een volgend onderzoek. Maar wie heeft nu de meeste koude douches gehad? Op de derde plek Hens ten Thije, runner up Dinand Klein Horsman en de ‘winnaar’ is onze huidige trainer Romano Lammertink. Sinds hij uit Drenthe overkwam heeft hij bijna 2800 kansen op koude douches gehad. Ik neem aan dat hij het niet heeft bijgehouden, anders was hij nooit trainer geworden bij GFC.

Wat kunnen we met deze nutteloze informatie? Helemaal niets, de term nutteloos zegt het al. Misschien is het een idee voor het bestuur om Dinand en Romano te vragen de opening te doen van de nieuwe, verbouwde kleedkamers?

Suggesties voor vervolgonderzoeken: wie heeft het meeste Warsteiner gedronken? Wie zat het meeste uren in de bestuurskamer?  Hoeveel kantinediensten heeft Bert Caron gedraaid? Wie heeft het damestoilet het vaakst gebruikt? (ik denk nog steeds Jan Dekker) Wie heeft de meeste meters lijnen gekalkt? Hoeveel witte muizen zijn er verkocht in de kantine? Wie scoorde de meeste goals buiten de selectie? Hoeveel uren heeft Johnny gemaakt?