Tags

,

Wat voor voetbalbiografieën geldt, kun je ook voor een hoop wielerbio’s stellen. Als er niet daadwerkelijk iets gezegd wordt, kun je ze beter negeren. Voor David Millar maakte ik een uitzondering, al was het maar omdat ik hem niet alleen mooie renner vond, maar ook een sympathieke. Mijn indruk is zelfs dat hij best intelligent was.

Dat beeld wordt in dit boek bevestigd. Hij vertelt ook open hoe ook hij aan de EPO geraakte. Niet structureel, maar wel incidenteel, betrapt en geschorst. Millar verwoord het goed, genuanceerd, begrijpelijk. Mijn twijfel blijft echter of hij wel alles vertelde of dat het een gedramatiseerde (gedeeltelijk?) versie van de waarheid is. Maar in vergelijking met de broddelwerkjes over Rooks en sommige andere renners die ik ook in de kast heb staan, is dit een erg mooi boek.

Gerbie’s blogje

Themaweek 105: De 100 beste sportboeken ooit