Tags

, , , , , , ,

Nico Rost – Goethe in Dachau

Verplichte literatuur volgens Eddy. En dan neem ik dat graag aan. Zware kost, niet even tussendoor lezen. Bleef dus even liggen, tot na de zomer, na de Tour. Maar toen was ik toch nieuwsgierig, al speelde het plichtsbesef van een geleend boek ook een beetje mee.

Al snel had ik door dat dit niet het boek was wat ik verwachtte. Iemand die opgesloten zit in een concentratiekamp is bezig met overleven, was mijn eerste gedachte. Rost leek vast te zitten in een goede bibliotheek. De alledaagse gebeurtenissen werden afgedaan in bijzinnetjes, de literatuur, waar hij met veel moeite altijd weer aan kwam, was het belangrijkste bestanddeel van zijn dagboeknotities. En dat leest meer als een studie, als een lijst met boeken die ik nog moet lezen, als een boekclub waar obscure schrijvers voorbijkomen, door mensen die proberen indruk te maken. En dan te bedenken dat alleen al het schrijven van dit soort notities levensgevaarlijk was. Papier was al nauwelijks te vinden, laat staan dat je erop kon schrijven, nog moeilijker om het te verbergen. Rost lukte het allemaal.

Gaandeweg begreep ik ook dat het een verdedigingsmechanisme was. Zo lang er literatuur is, is het leven niet zinloos. Wanneer je de wereld beter begrijpt omdat klassieke schrijvers je wat duidelijk maken, is zelfs een strafkamp te relativeren. (Bladzijde 77: ‘Heb hem toen uitvoerig verteld waarom ik dit dagboek zo schrijf en niet anders. Het is immers in de eerste plaats een middel om al mijn gedachten en m’n energie op de literatuur te concentreren – elke dag opnieuw als het gaat, om daardoor niet steeds aan Edith en Tijl, aan mezelf, aan eten enz. te denken. Een soort zelfverdediging dus. En tot nu toe heeft het me geholpen…’).

Dan is de continue stroom doden niet meer dan een gegeven, maar niet automatisch van toepassing op jezelf. Dan kom je schrijvers tegen die je ooit in een ander land sprak, of waar je ooit wat van had gelezen, maar die je nooit zelf had herkend, als niet iemand je had verteld dat het een schrijver was. En die iemand zei dat, omdat je zelf hele dagen bezig was met lezen, het verkrijgen van boeken, het lenen van titels.

Dus heb ik halverwege eindelijk de juiste mindset om het boek indruk te laten maken, om het proberen te begrijpen. Niet dat het ooit mogelijk is om je voor te stellen hoe het leven in een concentratiekamp is, maar juist door er niet de nadruk op te leggen, lukt het Rost om het een beetje duidelijk te maken. Hij weet ook, als vertaler, schrijver, publicist, dat ooit, na de oorlog, of hij die nu wel of niet overleeft, zijn aantekeningen gebundeld zullen worden, gepubliceerd gaan worden.

Op een gegeven moment negeer ik de bijna eindeloze reeks voetnoten (576 in totaal, bijna 3 per bladzijde), als ik meer wil weten over een bepaalde schrijver zoek ik later wel op Wikipedia. En tegelijkertijd zie ik steeds meer gebeurtenissen om de literatuur verschijnen in zijn aantekeningen. Steeds meer hoop op het einde van de oorlog, maar ook meer relativeringsvermogen. Dankzij de literatuur en de goede bewakers, waardoor hij, zelfs in deze beroerde omstandigheden, tussen de honderden doden per dag, ziet dat niet elke Duitser een oorlogscrimineel is, dat zelfs slechte mensen goede kansen hebben. Knappe observaties, die hem na de oorlog zelfs gedeeltelijk opbreken, wanneer de communistische partij in Nederland, waar hij voor de oorlog overtuigd lid van was, hem na publicatie laat vallen, omdat sommige passages niet zwart-wit genoeg zijn opgeschreven volgens hen.

Dagboeken zijn meestal niet mijn favoriete genre, maar binnen het genre is dit zeker een topper. Juist door niet de dagelijkse ellende van Dachau uitgebreid te beschrijven, juist door te relativeren terwijl het einde nog niet in zicht is, juist door de kracht van literatuur nog eens te onderschrijven, heeft Rost een gedenkwaardig oorlogsboek geschreven. Dikke aanrader!

Citaat: “Naar de andere dertig lijken keek niemand. De SS verwaardigde ze met geen blik, hoewel daar veel meer aan te zien was.
Ze waren immers uitgemergeld en broodmager. Van sommigen was de buik gezwollen en de huid al zwart; anderen zaten onder de zweren, weer anderen vertoonden aan hun benen en op hun rug flegmonen en open gaten, zo groot als theeschoteltjes. Twee misten een been, een een arm.
De SS vermoedt dat de dode man vermoord is; ze heeft daarom foto’s genomen en uitvoerig notities gemaakt.
Zijn de andere dertig soms niet vermoord?
Zijn die dan een natuurlijke dood gestorven?” (p.183)

Nummer: 20-117
Titel: Goethe in Dachau
Ondertitel: Dagboek 1944-1945
Auteur: Nico Rost
Taal: Nederlands
Jaar: 1948
# Pagina’s: 272 (22652)
Categorie: Dagboek
ISBN: 978-90-816628-8-8

Meer:
Wikipedia
Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse letteren
Hebban
Verzetsmuseum

Themaweek 100: Nog meer boeken