Tags

, ,

7.

Woltertje zwaait naar zijn vriend Tonnie. Die woont vlak bij de Regge. Ze hebben thuis een mooie klok aan de muur. Zijn opa was een beroemde klokkenmaker in Goor. Tegenwoordig moet alles textiel worden, maar nog niet zo lang geleden was Goor een klokkenmakersstadje. Uit de hele omgeving kwamen ze naar Goor om klokken en uurwerken te kopen. Vooral de Twentse en Gelderse adel zorgde voor goede klandizie. Nu zijn de Friezen beter in het maken van klokken, via de IJssel komen die ook naar het oosten van het land. Woltertje is wel eens thuis geweest bij Tonnie, aan de muur hing een klok, dat hadden ze thuis niet. Versieringen, gewichten, prachtig hout, Woltertje kon er lang naar kijken. Niet dat hij klok kon kijken, maar het apparaat vond hij prachtig. Hij ziet Tonnie achter zijn huis spelen, hij schaatst gewoon verder. Hij wil niet te laat thuis komen.

8.

Hij moest even bukken, maar de brug heeft hij nu achter zich gelaten. Jurriaan ziet een groot monument links van hem. Hij stopt even en legt zijn board vast bij het aanlegsteigertje. In Goor gebeurde toch nooit wat? Waarom staat hier dan een monument midden op dat grasveld? Alhoewel, gras? Achter het monument ziet hij nog een paar oude stenen, het lijkt wel een begraafplaats. Hij loopt naar het zwarte gevaarte. Thomas Ainsworth, leest hij. Klinkt Engels. Maar er staat ook tekst op in het Frans. Hij zwaait even naar de drone boven zijn hoofd en maakt een selfie terwijl hij naast het ding staat. Even luisteren op zijn app waarom dit ding er staat. Grondlegger van de textielindustrie, belangrijk man voor heel Twente. Ok, het zal. Hij gelooft het wel. Zijn moeder zal hem volgende week vast wel wat meer over die Ainsworth kunnen vertellen.

 

Themaweek 83: Het alternatieve verhaal van de Regge