Tags

, , , , , ,

15-003George Orwell – Nineteen eighty-four

Steeds vaker heb ik de laatste jaren aan dit boek gedacht. Alsof Orwell geen waarschuwing heeft geschreven vlak na de tweede wereldoorlog maar een aanbeveling. Alsof Big Brother niet stond voor een almachtige overheid die gevaarlijk was voor zijn eigen bevolking, maar als een ideaalbeeld hoe je een maatschappij moet inrichten. Zo lang ik me kan herinneren heb ik het boek aanbevolen als een van de weinige scifi boeken dat wel de moeite waard is. Het genre boeit me niets, maar dit is een klassieker.

Herlezen dus, zoals ik dat dit jaar vaak wil gaan doen. Een jaar of dertig geleden las ik het boek voor het eerst. Gewoon, voor de boekenlijst. Maar met plezier, omdat ik toen al besefte dat dit een bijzonder boek was. Het was het jaar waarover het boek ging. Lang niet alles is uitgekomen, maar als ik nu dertig jaar later naar de wereld kijk, was het beeld dat Orwell schiep niet slechts een goede voorspelling, maar een extreem goede profetie. De geest van het boek waart rond in de huidige wereld. Het meest duidelijke voorbeeld is wel het inwisselen van de vijand. Oceania is in oorlog met Eastasia, of toch met Eurasia. Al op bladzijde 31 leren we dat het vier jaar geleden veranderde, maar sindsdien is de geschiedenis herschreven, alle archieven, kranten en andere bronnen beweren dat de huidige vijand altijd de vijand is gebleken.

Het gemak waarmee het communisme, de vijand uit mijn jeugd, is ingewisseld voor de islam als nieuwe vijand, zou mij dan ook niet moeten verbazen. Ik wil het niet geloven. Ik wil niet in een wereld leven waarin ‘thoughtcrime’ gevaarlijker is dan echte misdaad. Waarin de taal zo wordt omgeschreven dat het mijn gedachten beïnvloedt. ‘Don’t you see that the whole aim of Newspeak is to narrow the range of thought? In the end we shall make thoughtcrime literally impossible, because there will be no words in which to express it’. Een enge wereld.

Al snel zat ik weer helemaal in het verhaal. Leefde ik mee met Winston, maar zag ik ook de vele voorspellingen die zijn uitgekomen. Toch vond ik een belangrijk nieuw punt, in ieder geval iets wat me niet is bijgebleven na de eerste lezing, noch na het zien van de film. Op blz. 59 verzucht Winston: “If there was hope, it must lie in the proles, because only there, in those swarming disregarded masses, 85 per cent of the population of Oceania, could the force to destroy the Party ever be generated.”. Al die jaren heb ik een maatschappij voor ogen gehad met onderdrukking en een kleine elite daarboven, blijkt die samenleving slechts 15% te beslaan van het hele land! De overgrote meerderheid van de bevolking wordt weliswaar dom gehouden, buitengesloten, maar leeft dus overduidelijk in een eigen wereldje, waar kunst en literatuur geen rol spelen, waar nadenken ook gevaarlijk is, maar tegelijkertijd zijn ze wel een overweldigende meerderheid, een kracht die buiten beschouwing gelaten wordt in het verhaal. Sterker nog, ze wordt weggezet als nutteloos, machteloos en achterlijk. De schaarse contacten met de ‘proles’ laten zien dat dat niet per se het geval hoeft te zijn. Bestaat er een schrijver die de uitdaging heeft opgepakt en 1984 heeft beschreven uit het oogpunt van de proles? Waarom ken ik dat boek nog niet dan? Het is toch een erg interessant gegeven hoe de proles aankijken tegen de zelfbenoemde elite en de superelite daar weer boven die alle macht naar zich heeft toegetrokken? Moet ik dat zelf nog schrijven?

Al sneller dan ik me herinner gaat het mis met Winston en zijn geheime liefde. Al snel dreigt kamer 101 (ooit nog inspiratiebron voor een geweldig BBC-programma) en het onvermijdelijke einde, dood door marteling. Het bijzondere einde kwam pas weer naar boven toen ik er al weer midden in zat. Een anticlimax, maar tegelijkertijd ook wel weer een prachtig passend slot.

Orwell schreef een politiek pamflet, nog voor de koude oorlog echt begon, waar beide partijen tijdens de koude oorlog de vijand herkenden, maar weigerden de eigen fouten terug te zien. Misschien wel een pleidooi voor meer menselijkheid, voor kritische denkers tegenover opportunistische graaiers, die in alle politieke systemen uiteindelijk de overhand kregen.

Een prachtig boek dat je elke decennium zou moeten herlezen en dat door elke zichzelf respecterende politicus als studiemateriaal moet worden beschouwd.

Citaat: “ It was possible, no doubt, to imagine a society in which wealth, in the sense of personal posessions an luxuries, should be evenly distributed, while power remained in the hands of a small privileged caste. But in practice such a society could not long remain stable. For if leisure and security were enjoyed by all alike, the great mass of human beings who are normally stupefied by poverty would become literate and would learn to think for themselves; and when once they had done this, they would sooner of later realize that the privileged minority had no function, and they would sweep it away.” (p.154)

Nummer: 15-003
Titel: Nineteen Eighty-Four
Auteur: George Orwell
Taal: Engels (UK)
Jaar: 1949
# Pagina’s: 251 (463)
Categorie: Literatuur
ISBN: 0-14-00-0972-8

Meer:
Wikipedia
Comic book
Wikiquote
Project Gutenberg
1958 verfilming
Audiobook