Tags

, , , , , ,

bron: andrewspaldingamer.wordpress.com

bron: andrewspaldingamer.wordpress.com

Al zo lang ik me kan heugen ben ik gefascineerd door de Olympische Spelen. En omdat de sporten in de winter meestal leuker zijn dan in de zomer, ben ik vooral fan van de winterspelen. Schaatsen, skien, zelfs langlaufen zijn mooi om te kijken, terwijl zomers de beste voetballers thuisblijven, de honkballers helemaal niet meer mee mogen doen en een oneindige reeks vechtsporten wel aandacht proberen te trekken.

Voor Saporro ben ik te jong. Innsbruck is een vage herinnering. Lake Placid vanwege het tijdverschil ook nauwelijks relevant (al herinner ik me de 14.28 van Heiden nog wel), dus zijn mijn eerste herinneringen eigenlijk van Sarajevo 1984.

Terugkijkend waren het waardeloze Spelen. Sfeerloos, slechte weersomstandigheden en vele wedstrijden die verplaatst werden. Het grauwe Oostblok zoals het in het westen werd beweerd. Nederlandse schaatsers die helemaal niets presteerden, het was allemaal ellende.

Een klasgenoot van me had een videorecorder. Dat was vrij bijzonder in 1984. Dus fietsten we op de dag van de 500 meter samen naar zijn huis en spoelden de band terug die hij had voorgeprogrammeerd. Maar wat we ook zochten, geen schaatsen. Pauzebeelden, herhalingen van interviews. Mist. In mijn geheugen zagen we vooral mist. Het is dertig jaar geleden ondertussen, het zal vast niet kloppen, maar ik associeer die Spelen vooral met mist.

Pas na een half uurtje heen en weer spoelen begrepen we dat we beter de televisie hadden kunnen aanzetten. De wedstrijd was uren uitgesteld en door op de videoband te zoeken, hadden we de halve wedstrijd alsnog gemist. We keken wel, maar de voorpret was teniet gedaan. De opwinding die de Spelen konden veroorzaken was ver te zoeken. Geen idee wie er won.

Sotsji 2014, deel 9 uit een serie over de Olympische Spelen