Tags

, ,

Ineens was ze er. Niemand wist waar ze vandaan kwam. Waarom ze juist hier wilde wonen, in dit dorpje op het Spaanse platteland waar de jeugd het liefst zo snel mogelijk wegvluchtte zodra het de kans kreeg. Door die vergrijzing, de crisis en de afwezigheid van toeristische trekpleisters had ze die boerderij net buiten het dorp goedkoop verkregen, dat was duidelijk.

Ze had er een goedlopende ‘bed & breakfast’ van weten te maken. En ineens waren er toeristen in het dorp. Die kwamen er voorheen nooit. Ze bleven soms kort, soms langer. Maar waar de doorsnee toerist, zeker in Spanje, overloopt van onwetendheid en onbeschoftheid, deden deze gasten hun best om geen aanstoot te geven. Ze probeerden wat woordjes Spaans, respecteerden de lokale bevolking en werden al snel geaccepteerd. Alsof ze ze had voorgeselecteerd; misschien wel opgevoed.

Over haar afkomst deden de gekste verhalen de ronde. Haar Spaans was vloeiend, maar het accent kon men niet thuisbrengen. Zuid Amerikaans werd gezegd. Nederlands, wist een ander zeker. Zigeunerbloed, zei een afgunstige. Zelf liet ze weinig los. Ze sprak het nooit hardop uit, maar ze voelde zich wereldburger. Haar reiservaring was in haar blik te lezen.

In het dorp was er afgunst. Vooral de dames waren jaloers. Zonder uitzondering waren al hun mannen onder de indruk van de schoonheid van de nieuwste bewoonster van het dorp. De loodgieter, de timmerman, de elektricien, allemaal waren ze trots dat ze hadden mogen helpen bij de verbouwing van het oude pand dat nu het mooiste huis van het dorp was geworden. Haar leeftijd bleef ook een raadsel. De mannen zeiden begin dertig, hun vrouwen gokten op midden veertig. Vijftig durfde een enkeling uit te spreken. Haar dochter van tien was geen bewijs. Maar dat ze met afstand de mooiste vrouw van het dorp en de verre omgeving was, werd door niemand betwist.

Al snel gaf ze een dag in de week les op de school van het dorp. Dat kon ze blijkbaar ook. De directeur kon zo zijn andere werk doen en ook de kinderen sloten haar in hun hart. Ze leek gelukkig in haar huisje. Een paar kippen, een koe, wat katten, wat geitjes en een moestuin waardoor ze bijna zelfvoorzienend was. Zo nu en dan wat gasten voor de inkomsten, haar leven werd geen sleur.

Een man in haar leven konden de dorpsgenoten niet ontdekken. Ze speculeerden natuurlijk wel, welke van die toeristen zou haar minnaar zijn? Toch moet er ooit een vader zijn geweest, een dochter krijg je niet alleen. Ze leken tevreden, moeder en dochter, met hun leven. Soms waren ze een tijdje weg. Niemand wist waarheen. Familiebezoek, gokte men. Maar niemand wist of ze nog familie hadden.

En zo werd ze oud in dat kleine Spaanse dorpje. Geluk zit in kleine dingen.

Advertenties