Tags

, , ,

 

Als je gewoon naar de uitslag kijkt, is er weinig bijzonders gebeurd. De specialist Van der Kieft wordt op het nippertje verslagen door de allrounder Olde Heuvel. De rest ligt een stukje achter, allrounders Verweij, Blokhuijsen en Rotteveel eerst, de overigen daar weer achter.

En toch mis je dan iets. Iets dat je alleen mee krijgt als je het gezien hebt, of in dit geval gevoeld hebt. Ik zat gisteren in het Thialf (leuk verjaardagscadeau!) en zag een schitterende tien kilometer van een jochie van 18.

Jaren geleden zat ik er ook tijdens het EK allround. We waren met vier. We zagen een jong Tsjechisch meisje met spillepootjes een prachtige drie kilometer rijden. We waren onder de indruk en voorspelden een grote toekomst. Ik ga hier niet claimen dat ik Sablikova ontdekt heb, duizenden waren aanwezig en zagen hetzelfde die dag. Maar het is wel mooi om te zien dat die voorspelling van destijds is uitgekomen.

Gisteren zag ik de eerste tien kilometer ooit van Maurice Vriend. Een paar kilometer bleef hij bij zijn directe tegenstander, maar daarna reed hij weg. Als een volleerd stayer bleef hij rondjes 33 rijden, zijn eindtijd werd steeds naar beneden bijgesteld. Iedereen in het stadion had door dat hier iets bijzonders gebeurde. Voor grote delen van de middag leek het in Thialf op een oefenwedstrijdje en niet op het Nederlands kampioenschap, rustig, bijna doods. Maar na een kilometer of zes, zeven van Maurice Vriend voelde je opeens de sfeer veranderen. Hij kreeg meer applaus, meer aanmoedigingen en reed gewoon door.

De grens van 14 minuten kwam in zicht. Hij haalde het net niet. Maar hij won zijn rit en stond heel even boven aan de tabel. Na zijn rit zagen we hem langs komen, kapje af. Een jochie nog. Jöngske, hoorde ik in goed Twents naast me. Maar wel een jongetje met toekomst. Een jongetje dat duizenden in Thialf minuten lang onder zijn invloed had en terecht een staande ovatie kreeg.

En dat zie je niet als je in de uitslag de elfde plaats van Maurice Vriend leest.

Advertenties