Tags

, , , ,

 

De eerste keer dat ik ze zag was meteen een van mijn allereerste concerten. Een keer per jaar werd er een zogenaamde ‘Popsnack’ georganiseerd op het Malbergplein, ik mocht daar heen, als ik op tijd thuis was. Als voorprogramma de Nederlandse hardrockband Helloise, daarna als hoofdact De Dijk. Ik denk 1984.

Al bij het tweede nummer werden er door achtergebleven hardrockers tomaten geworpen richting podium. De band speelde nog even door, maar een nummer later, het streepjesoverhemd van Huub van der Lubbe leek op de Friesche vlag, liepen ze van het podium. “Weg met de onverdraagzaamheid”, waren de woorden van een zichtbaar teleurgestelde zanger.

Concert afgelopen voor het goed en wel begonnen was. Na een half uurtje dropen de leren jekkies en spijkerarmbandjes af, de Dijk kwam terug en speelde nog even door, zelfs nadat de hinderwetvergunning was afgelopen.

In de loop der jaren heb ik ze nu een aantal keren gezien. Ook Concordia en Huub solo mocht ik al bekijken. Deze keer kwamen ze in het theater. Weliswaar ‘staande voorstelling’, maar het publiek is toch anders. Ten eerste hoorde ik ineens weer bij het jongste deel van het publiek. Een paar twintigers, wat dertigers, maar vooral veel vijftigers of nog grijzer. Niets mis mee, het past bij de setting.

Huub komt op in driedelig pak, de gitarist ziet er te jong uit om al dertig jaar bij dit gezelschap te horen, waar grijs ook een overwegende kleur aan het worden is op het podium. De details zijn het leukst. De blazers achter op het podium passen er niet echt bij. Met een saxofoon kan nog net, maar proberen ritmisch mee te bewegen met een trompet in je hand gaat gewoon niet. Het lijkt er ook op dat Peter van Soest een lichte gene voelt op het podium. Wat doet hij bij deze band? Ooit gepassioneerd een instrument leren spelen, pas op latere leeftijd realiseert hij zich dat je van klassiek en jazz nauwelijks kunt leven. Dan maar meespelen met een populaire band.

Dan hoor ik dat Huub de naam van de gitarist noemt. JB Meijers. Maar die meneer ken ik toch? Zat die niet in Shine, de ondergewaardeerde opvolger van de Fatal Flowers? En ook bij de Charming Children (las ik een dag later op internet). Ik wist niet dat hij ook mee mocht spelen met De Dijk. Waar Peter net iets rock and roll te kort komt, heeft JB iets te veel. Hij lijkt goed naar Keith Richards te hebben gekeken, al zal het snuiven van de as van je vader hem ook iets te ver gaan. Hij blijkt overigens net zo makkelijk over te schakelen op een ukelele-achtig gitaartje en speelt zelfs een nummer schuiftrompet.

Ondanks dat ik de muziek erg leuk vind, is het ook geweldig om rond te kijken. Niet alleen op het podium gebeurt veel, ook in de zaal is genoeg te zien. Vijftigers die voorzichtig een poging tot dansen doen, ook al hebben ze dat al jaren niet gedaan en zeker niet zo maar los bewegend. Maar ja, ballroom lukt hier echt niet, hebben ze zelf ook wel door. Veertigers die de Dijk de beste band ooit vinden en hele lappen tekst meezingen, ondertussen glunderend rond kijkend, of men wel ziet dat ze echte fans zijn. Een eenzame dame op de kleine zittribune, als enige staand en netjes uit de maat meeklappend. De geluidsman die druk aan de schuifjes zit, ondertussen de teksten netjes mee mompelt voor zich zelf uit.

Op het podium is elke beweging van Huub doordacht, hij weet continu dat het publiek kijkt, zelfs als hij een ander de spotlights gunt. De uitgekozen nummers passen bij het publiek, een hoog gehalte jaren tachtig, afwisseling tussen hard, snel, rustig en langzaam. Slechts een keer beginnen ze een nummer in het Engels, van hun nieuwe CD met Solomon Burke. De tekst van “Dat zou mooi zijn” lijkt mij geïnspireerd door Tribute van Tenacious D.

Het absolute hoogtepunt voor mij was het gitaar-saxofoonduel aan het eind van “Onderuit”. JB hield zich in, dit was het moment voor Roland Brunt. Het zou me niet verbazen als hij daarna aan het zuurstof moest, maar het klonk geweldig.

Anderhalf uur, een verplichte toegift, een extra (dus geen drie totaal zoals ik elders las) omdat het publiek dat blijkbaar verdiende. Het grootste enthousiasme kwam van het publiek bij toegift twee. “ Dansen dansen dansen” werd er gescandeerd in plaats van ‘we want more’ of het Twentse equivalent ‘ wi von’t mooi’. Het nummer kwam natuurlijk. Dansen op de vulkaan. Een nummer dat net als Stil in mij, Iedereen is van de wereld en Met hart en ziel veel te vaak gedraaid is om bij mij nog enthousiasme te kunnen oproepen. Voor me stond iemand die de tekst niet helemaal begrepen had. Volgens hem was ‘Springen op de vulkaan’ een betere titel geweest.

Gelukkig volgde een mooie semi-akoestische “Groot hart” als afsluiting van een mooie avond. De Dijk blijft de moeite van het bekijken waard.

Naschrift: Twee dagen later komt het nieuws dat bij aankomst op Schiphol Solomon Burke is overleden. Hun gezamenlijke concert van morgen wordt nu een concert ter zijner ere door de heren van De Dijk. Het is ze toevertrouwd.

P.s. Foto’s copyright Igor Kloosterhof, dedijk.nl

Advertenties