Tags

, , , , ,

Bij dit blogje hoort eigenlijk nog een verhaal. Dat was toen nog niet digitaal beschikbaar. Nu wel. Dus bij deze, hieronder, alsnog het verhaal van mijn treinreis door de Barrancas del Cobre.

De trein

Ook al ben ik in Mexico, ik heb het koud als ik wakker word. Twee dekens waren niet genoeg om de vrieskou van Chihuahua tegen te houden. Het is half zes, nog donker, als ik mijn rugzak weer inpak, klokslag zes sta ik in de receptie, een kwartier later brengt een taxi me naar het station.

Bij de ingang worden alle tassen gecontroleerd, waarom is me onduidelijk. Volgens de lokale VVV gaan er voornamelijk toeristen met deze trein, maar in de rij om me heen zie ik geen enkele buitenlander. De eerste klas trein is al een half uur onderweg. Zij die het zich kunnen veroorloven (lees: rijke toeristen) om twee keer de prijs voor hetzelfde traject te betalen moeten daarvoor dus ook nog eens eerder opstaan. Ik krijg nog een folder aan het loket, als aandenken voor de ‘tulipan’ (tulp) die hier de beroemde trein door de Mexicaanse Copper Canyon neemt. Ik krijg ook een plaatsje aan het linkerraam, waar het uitzicht het mooist schijnt te zijn.

Ik lees wat in mijn boek, wachtend op het vertrek, terwijl de paar wolkjes die zichtbaar zijn, langzaam rood kleuren, ten teken dat de zon onderweg is. Als het aan mij ligt, mag de reis beginnen. Hoe lang het gaat duren kan niemand vertellen, ook de moeder met twee kinderen die naast me is komen zitten niet. Zij gaat ook naar Los Mochis, het eindpunt, maar de reistijd is onbekend. De 1e klas trein doet er zo’n 13-14 uur over. Sneller zullen wij zeker niet zijn.

De trein komt langzaam op gang, terwijl de zon laatste duisternis wegjaagt. De stad blijkt groter dan ik gedacht had, de eerste heuvels zijn zichtbaar aan beide kanten van de laagvlakte, waar de spoorlijn doorheen trekt. Zo nu en dan zijn er kuddes koeien en paarden zichtbaar, een enkele keer ook een paar ezels. Muren waar ooit huizen stonden, een paar groepjes huizen, niet genoeg om de titel dorp te mogen dragen.

Met de zon recht op mijn raam is naar buiten kijken niet eenvoudig. Ik doe mijn ogen dus maar even dicht, straks halverwege ben ik dan zeker goed wakker. De siërra is mooi, maar na een kwartier weinig verrassend. Mee koeien, nog een heuvel en weer een paar huizen. Op de een of andere manier vind ik opgedroogde rivierbeddingen het meest interessant.

Na, ik gok, ruim twee uur, stoppen we voor het eerst. De stad Cuauhtémoc ligt op ruim 2000 meter, we zijn dus behoorlijk geklommen, maar zo geleidelijk dat het leek alsof we gewoon langzaam gingen. Het oponthoud is kort. Aan de rand van de stad voetballend jochies zes tegen zes op een veld dat volgens mij nog groter is dan de standaard afmetingen. Iets verderop liggen meerdere dode koeien langs het traject, in verschillende staten van ontbinding. Van net geraakt door de vorige trein tot een hoopje botten.

Het is al middag wanneer we in Creel aankomen. Ik ben al twee keer weggedoezeld, heb bijna al mijn broodjes op en heb ruim aandacht gekregen van de eerst zo schuchtere kinderen van mijn buurvrouw. Langs me heen glippend of overlangs kruipend staan ze om de beurt voor het raam, koeien en paarden halen ze nog wel eens door elkaar blijkt overigens. In Creel stap je uit als je de Barrancas de Cobre echt wil bezoeken. Ik vind een trein erdoorheen voldoende. Slapen in the middle of nowhere in slechts een slaapzak bij -10 is niet echt mijn pakkie an.

Barrancas_del_cobre_stopIn Divisadero is het tijd om te lunchen. De 1e klas uit de andere richting stopt hier ook, betekent dat ook dat we halfweg zijn? Volgens een bord op het perron hebben we al ruim 350km achter ons, nog 300km te gaan tot het eindpunt, maar we zijn nu pas echt de Barrancas del Cobre aan het doorsnijden, qua tijd zal het dus nog wel langer duren. Vijftien minuten krijgen we om op het perron voedsel te vinden. Er zijn genoeg kraampjes, de keus is niet al te gevarieerd, dus kies ik voor een paar taco’s. When in Mexico, do as the Mexicans.

Het uitzicht na de lunch is erg mooi. Niet precies wat ik verwachtte, maar wel indrukwekkend. Door de vertaling Barrancas-Canyon denk ik meteen aan de Grand Canyon, maar het is hier zeker niet zo kaal en leeg. Sterker nog, de bergen staan vol met bossen, tenminste daar waar geen rotsen zijn. Op een gegeven moment heb ik zelfs de indruk in Oostenrijk te reizen, ware het niet dat de dorpen schaarser zijn en er toch duidelijk anders uitzien.

Nadat we ook de 2e klastrein vanuit de andere richting hebben laten passeren, stoppen we regelmatig om passagiers uit te laten stappen. Soms is er een station, soms slechts een platform. Een enkele keer zelfs staan we stil zonder dat daar enige aanleiding voor lijkt. Links beneden ons een klein stroompje, rechts een rotswand, in de verste verte geen huis te bekennen. Toch staat hier een familie te wachten op twee reizigers die hier uitstappen.

Barrancas_del_cobreIk heb door dat de beste uitkijkpunten de balkons van de trein zijn. De deur is half open (boven) en met een frisse wind langs het hoofd bewonder ik de natuur. Te groots voor een foto, tenminste met mijn camera, die, zo heb ik nu pas door, niet fatsoenlijk doordraait. Om nog iets van de film te redden, open ik de camera. Al mijn foto’s vanaf San Antonio zo die niet al mislukt waren, zijn het nu zeker. Met een mesje snij ik het gedeelte weg en hoop dat ik de rest van de film nog wel kan gebruiken. Het lijkt te lukken en snel schiet ik nog een paar kiekjes van het open achterbalkon. Voor de zekerheid morgen toch maar een paar ansichtkaarten kopen.

Met nog zo’n vier uur te gaan, is het erg rustig in de trein geworden, de zon verdwijnt achter de bergen, de overgebleven reizigers doen een poging nog wat te slapen en ik duik in mijn reisgids, zoekend naar wat mijn volgende bestemming wordt. Het is een lange dag.

De vier blijken er acht te worden, we staan regelmatig, letterlijk, op een zijspoor, om goederentreinen langs te laten. Het is zo donker dat je zelfs op het balkon nauwelijks iets ziet. Ik doe mijn ogen in de trein ook maar dicht en word wakker als we uiteindelijk, het is al 1 uur ’s nachts geweest, het eindpunt Los Mochis bereiken.

(Los Mochis, 5 februari 2000)

Advertenties