Tags

, , , , ,

Goal, April 2005

Edwin Zenderink deed het in december 1998, uit bij Dolphia. Ik deed zelf nog mee. We speelden er gelijk. Daarna lukte het nog een keer in een bekerwedstrijd thuis tegen het Centrum, achter op veld vier, omdat er nog niet op het hoofdveld gespeeld mocht worden. Ik weet het niet zeker meer, maar mijn schatting is dat het in augustus 2002 was.

Ik heb het over scoren na een korte corner. In de laatste bijna 7 jaar is het GFC twee keer gelukt te scoren, nadat de corner kort genomen werd. Met bekerwedstrijden en nacompetitiewedstrijden erbij, kom je dan toch al snel op een wedstrijd op 180. Als we voorzichtig schatten dat we in die wedstrijden zo’n 700 corners hebben gehad (nog geen 4 per wedstrijd), dan durf ik ook te beweren dat er zeker 400 daarvan kort zijn genomen. Waarschijnlijk is het aantal veel hoger, want er zijn wedstrijden, wat zeg ik, maanden, geweest dat we alles kort probeerden, maar voor de statistieken hou ik het aan de lage kant. Zelfs dan hebben we het over een succespercentage van een half procent.

Wie heeft er ooit bedacht dat een korte corner een goed idee was? Welke bizarre gedachtekronkel ging er aan vooraf? Wie bepaalt op het veld keer op keer dat we het voor de zekerheid nog maar een keer proberen? Een punt spreekt voor de korte corner: we hebben al jaren niet echt een kopspecialist. Voorgenoemde Edwin Zenderink won wel eens een kopduel, Romano is de laatste jaren steeds beter gaan koppen, maar de beste kopper is, veelzeggend, nog altijd Dennis Kingma.

Maar moeten we nu echt elke corner vergooien omdat de tegenstander toevallig wel een paar lange kerels achterin hebben staan? Er zijn zoveel mogelijkheden. Een volley van de zestien, doorkoppen bij de eerste paal, hard en half hoog (op zijn Enters: Melkbussenheugte) voor de goal brengen, bewust voorbij de tweede paal om van daar weer opnieuw in te brengen, voor mijn part Simon die in een wedstrijd 5 keer probeert de bal met een inswinger rechtstreeks in het net te laten vallen, alles beter dan die waardeloze korte corner van de laatste jaren.

Wij, supporters die bij thuiswedstrijden naast de dug out staan, hebben de hoop allang opgegeven dat er ooit nog iets goeds komt uit een korte corner. Menigeen draait zich zelfs om als er weer iemand in een roodzwartshirt richting cornervlag loopt, terwijl voor de goal de teamgenoten zichtbaar de hoop hebben opgegeven dat die bal ooit nog bij hun in de buurt komt. Een collectieve zucht bij ons supporters doet de dugout schudden. Dat moet een trainer toch ook doorhebben? En als we het woord toch uitspreken: elke tegenstander heeft het ook door. Dolphia werd nog verrast door Edwin die na een kaats ineens op de hoek van de zestien kon inschieten en schitterend de verre kruising vond, maar Rood Zwart, Hector, Omhoog, Delden, Wilhelminaschool en BWO kennen die corner toch ook al lang. 2 verdedigers er op af sturen en het meest positieve resultaat voor ons is de back die terugspeelt op Patrick. We hebben dan tenminste nog balbezit.

Het kan toch niet moeilijk zijn om een paar weken lang een aantal varianten te trainen? In de periode waar ik het hierboven over heb, zijn er minstens 500 trainingen geweest, onder 3 trainers. 750 uur op het trainingsveld. Er van uitgaande dat Romano, Sander, Simon, Bert, Dennis weinig nieuws meer leren op een training, waarom dan niet eens een paar trainingen een half uurtje corners oefenen. Leuke taak voor de volgende trainer zullen we maar zeggen. Als we die korte corner maar afschaffen. Nu meteen.

Advertenties