Tags

, , , , , ,

Goal, April 2004

Het is tweede paasdag. GFC speelt tegen Victoria en er ligt hier bijna geen sneeuw meer. Boven op de berg slooft een schoolgroep zich uit op de lange latten, maar in de regen. PSV-Ajax begint pas om 6 uur volgens Langs de Lijn, dat ik regelmatig beluister via de Wereldomroep. Het is mijn laatste week hier en ik besluit om eens wat aan mijn conditie te doen. Over 2 weken is Eilermark uit.De wandelroute die ik wil rennen is zo’n 5 kilometer, met een lichte stijging aan het begin volgens de kaart. Dit blijkt gewoon stijl tegen een berg op te gaan, er lijkt geen einde aan te komen. Ik ben blij als na een boerderij de weg ineens ophoudt. Ik heb een excuus om te wandelen, ten slotte is het te gevaarlijk om door een weiland te rennen. Na een bult ontdek ik dat er op het voetbalveld onderaan de berg gespeeld wordt. Vlak nadat ik daar aankom is de wedstrijd afgelopen. Het blijkt een voorwedstrijd te zijn van lagere senioren.

Om 4 uur begint de hoofdwedstrijd van de thuisclub. De warming-up gaat in de breedte van het veld. De aanvoerder voorop. Het lijkt of hij hoger heeft gespeeld of goed heeft opgelet bij het kijken naar de profs. De keeper van de thuisclub is niet al te groot. De reserves laten hem dat ook duidelijk merken door meerdere lobjes achter hem het net in te schieten. Niet leuk voor hem.

De wedstrijd stelt niet veel voor. Ik krijg steeds meer bewondering voor de supporters die elk jaar weer de moeite nemen om in de auto te stappen naar Tilligte of Enschede om daar een waardeloze wedstrijd te bekijken. Na een kwartier komt de man met de portefeuille langs. Of het om de zitplaats gaat waar ik zit of om de entree is me onduidelijk, hij legt het me ook niet uit. Ik heb natuurlijk geen cent op zak. Ik wist niet eens dat er hier gevoetbald zou worden, laat staan dat ik er naar toe zou gaan. Ik sta dus op en ga achter de goal van de bezoekers staan in een weiland, buiten het complex. Daar heb ik ook mijn eerste balcontacten in bijna 5 maanden, omdat een ballenvanger ontbreekt. Altijd goed een bal aan te raken.

Photobucket

De aanvoerder van Tamsweg, de naam las ik op het trainingsjack van de keeper, heeft goed opgelet tijdens de warming-up en schiet een vrije trap van 20 meter over de keeper. De thuisclub valt nu aan volgens een soort gecombineerd Engels en Duits systeem. 2 spitsen, een die op alles loopt en een stormram (Duits) worden aangespeeld door lange ballen vanuit elke positie uit het veld (Engels).

De gelijkmaker komt uit een ingekopte corner, 2-1 na de eerste mooie aanval van de wedstrijd en na een rommelactie van de enige balvaardige middenvelder wordt het zelfs 3-1. Het gaat snel, de thuisclub kan tevreden de rust in.

In de rust ren ik terug naar mijn hotel, kleed me om en ben net na het begin van de tweede helft terug. Ik zoek nog even naar de man met de knip (penningmeester?), maar ik kan mijn entreegeld niet kwijt. Tijd om eens goed rond te kijken. Er zijn zo ongeveer 150 toeschouwers op komen dagen. De trainer van de thuisclub lijkt me de oudere broer van de aanvoerder. De enige grensrechter (wel een officiële) vlagt beide helften aan dezelfde kant, de scheidsrechter moet het aan de andere kant dus alleen doen, beide partijen worden zo gelijk behandelt, 1 helft met grens, 1 zonder. De rechtsback van de thuisploeg is zo’n klein kuitenbijtertje, waar Hans Mensink altijd zo’n hekel aan had. Minimaal 3 keer moet je er langs op weg naar de achterlijn. Het centrale verdedigingsduo doet geen enkele poging om op te bouwen, ‘weg die bal’ lijkt het motto. De aanvoerder speelt linkshalf. Als een E-junior die voor het eerst op een positie speelt blijft hij ook plichtbewust op die positie. Middencirkel noch achterlijn zullen hem vandaag zien. De spitsen worden in de tweede helft vervangen door 2 jeugdspelers. Waarschijnlijk (achter-) neefjes van Andreas Herzog, momenteel reserve bij Bayern München. Er zijn in dit dorp alleen al 14 pensions en Gasthäuser die Herzog heten, inclusief de jeugdherberg waar mijn groep verblijft.

De tegenpartij heeft eigenlijk maar 2 opvallende spelers. De keeper is duidelijk specialist in après-ski en apres-voetbal en ziet het voetbal waarschijnlijk als een vervelende en vermoeiende onderbreking daarvan. De aanvoerder, dreh- und angelpunkt (vrij naar Herman Beld), is met afstand de beste man van het veld. Maar ook hij kan de nederlaag van zijn ploeg niet verhinderen. Een slotoffensief blijft uit. Sterker nog, de uitblinker van de bezoekers wordt gewisseld. Hij is niet eens verbaasd.

De wedstrijd bloedt zo dood en na het eind van de wedstrijd gaan alle spelers nog even over het veld om de losgetrapte zoden weer op hun plaats terug te leggen. Mooi gebaar. Het publiek verdwijnt huiswaarts en de zon achter de bergen.

Advertenties