Tags

, ,

Eigenlijk denk je dat je het goed voor elkaar hebt. Middendertig. Een eigen zaak, die goed loopt. Een prachtig huis. Gelukkig getrouwd. Leuke kinderen. Alles klopt.

Tot op een dag je vrouw vertelt dat ze weg gaat. Als een donderslag bij heldere hemel. Je had geen flauw idee. Na een vergeefse pogingom haar nog over te halen, ben je ineens weer vrijgezel. Je ziet je kinderen wel regelmatig, maar buiten je werk, blijk je ineens veel vrijheid te hebben. Dan daar maar gebruik van maken.

Eens kijken hoe je in de markt ligt. Dat blijkt niet tegen te vallen. Via Hyves, in de kroeg, vele meiden blijken wel interesse te hebben. Je profiteert van die vrijheid, gaat zelfs een semi-serieuze relatie aan om je ex te laten zien dat je niet depressief thuis zit. En als die voorbij is, kom je haar tegen. Serveerster. Bijna een cliché. Zeker tien jaar jonger, geweldig lichaam, een beetje wild, precies een type voor een aantal ruige nachten. Jammer dat ze naar de andere kant van het land verhuist. Maar goed, je was toch niet serieus met haar.

Dan gaan vrienden van je toevallig daar in de buurt op vakantie. Alsof je hen bezoekt, rij je op een dag het land door. Je stuurt een sms-je naar haar dat je toevallig in de buurt bent. Zij is je nog niet vergeten en nodigt je uit voor een kopje koffie. En zo zit je die avond bij haar op de bank. Ze is nog steeds woest aantrekkelijk. Je kunt je goed voorstellen hoe dit verder gaat.

Tot de telefoon gaat. Je ziet haar schrikken. “Nee, ik heb visite. Komt niet echt uit”, hoor je haar zeggen. Als ze heeft opgehangen, vertelt ze over haar nieuwe vriend. Een jaloers type. Maar goed, je zit alleen nog maar op de bank koffie te drinken, dus waarom zou je je zorgen maken, je doet niets fout. Toch? Maar echt rustig zit je niet meer.

Dan gaat de deurbel. Zij ziet meteen dat hij het is. Door het raam zie je ook wie hij is. Niet iemand waar je normaal een pilsje mee drinkt. Net zo breed als lang, een kapitaal uitgegeven aan tatoeages, lange haren. Onder vrienden zou je de term ‘aso’ gebruiken, maar nu kijk je wel uit. Hij kijkt erg kwaad. Zij laat hem niet binnen, ook een teken dat er iets niet goed zit. Buiten wordt haar vriend kwader en kwader. Zijn dreigementen zijn niet verstaanbaar, maar de gebaren, de lichaamstaal en de kreten spreken voor zich. Hij is niet van plan om een kopje koffie mee te drinken. Ook een grapje gaat niet werken. Je wordt bang. Hoe kom je hier weg? De achterdeur heeft geen nut. Je nieuwe leasebak staat frontaal voor de voordeur.

De politie moet er uiteindelijk aan te pas komen. Onder begeleiding kun je naar buiten. Op de tafel staat nog een half kopje koffie, koekje onaangeroerd. In de auto naar je vrienden bedenk je of je ze dit verhaal gaat vertellen. Is dit nou een mid-life crisis? Of is het gewoon pech?

Advertenties