Tags

, , , , ,

Een minuut of twintig en dan zou je er zijn, volgens de reisbijbel, de Lonely planet, die het, zoals wel vaker overigens, niet geheel correct weergaf. Typisch zo’n voorbeeld van opschrijven van wat je via via gehoord hebt, maar nog niet zelf geprobeerd hebt. Pas na een aantal keren vragen wist iemand bij het busstation hoe ik er zou kunnen komen. Die bus, dan overstappen en dan nog een korte wandeling en dan zou ik bij de poort van de fabriek staan. De twintig minuten waren al voorbij met het wachten totdat de bus volzit. Want wanneer de bus niet op zijn minst bijna vol zit, heeft het geen nut om te vertrekken.

Een tijdschema is hier niet bekend. Wanneer we eindelijk vertrekken, rijden we eerst nog een stukje erg langzaam door David, de derde stad van Panama, om her en der nog wat mensen op te pikken. Ruim een half uur later vertelt de cobrador, hier ook wel ayudante genoemd (iemand die in een minibus de deur open en dicht doet, de bestemming schreeuwt naar potentiële reizigers aan de kant van de weg, bagage aanneemt en het later ook weer naast het busje neerzet bij het uitstappen, oudjes en kleine kinderen helpt met in- en uitstappen, maar vooral ervoor zorgt dat iedereen betaald), dat ik hier moet uitstappen.

De tweede bus die ik moet nemen is iets kleiner en al bijna vol, dus ik heb mazzel, hij staat op het punt van vertrekken. Ik heb zelfs twee keer geluk, zo’n tien minuten later blijkt dat ik niet de enige ben die naar de fabriek gaat, dus rijdt de bus even de lange oprijlaan op, ons daarmee een lange wandeling besparend. Dat ik daardoor meer moet betalen dan de normale prijs voor het ritje, neem ik dan ook voor lief. Zo nu en dan heb je in dit gedeelte van de wereld te maken met de zogenaamde ‘gringo-tax’. Ik betaal uiteindelijk toch maar een bedrag dat zo laag is, dat ik in Nederland van de NS wel het perron op mag, maar moet beloven niet naar de treinen te kijken.

De geur buiten is erg sterk. De ketels waar de fermentatie in plaats vindt, zijn open ketels en staan aan de kant van het complex waar ik naar binnen kom. Na de poort is het niet helemaal duidelijk waar ik heen moet, totdat een dame me wijst op de deur waar ‘La Gerencia’ op staat. Het blijkt dat achter die deur niet de directeur zelf zit, zoals je zou vermoeden, maar een secretaresse die een andere jongedame de fabriek in stuurt nadat ik kenbaar maakte dat ik voor de rondleiding kwam. Er wordt iemand rechtstreeks van de werkvloer gehaald, die mij een rondleiding mag geven.

De fabriek is niet eens zo heel groot, een belangrijk gedeelte van de ruimte wordt gebruikt voor de opslag van de rum, waarvoor vanuit Canada een speciaal soort hout wordt geïmporteerd. Ik begrijp helaas niet alles wat me uitgelegd wordt, deels door het Spaans dat al snel erg technisch wordt, deels ook door het lawaai dat hier, als in alle fabrieken, heerst. Mijn gids is erg vriendelijk en vertelt me precies hoe de rum hier gemaakt wordt en wat het verschil is met rum in andere landen.

En ook vertelt hij me over een bijproduct dat in deze fabriek gemaakt wordt. ‘Ginebra Holandesa’. Ik had al wel eens een fles in de supermarkt gezien, maar wist dus niet dat dat ook hier gemaakt werd. Ik vertel hem dat ik uit Nederland kom en probeer hem ‘jenever’ op zijn Hollands uit te laten spreken. Het lukt me niet. We zijn ondertussen in de laatste hal aangekomen, waar de flessen over de lopende band aankomen en daarna, handmatig, in dozen wordt gestopt. De band waar de kleinere flessen normaal gesproken afkomen, staat stil.

Sinds een week blijkt het, de benodigde onderdelen voor reparatie zijn nog niet gearriveerd. Ondertussen moet heel Panama dus maar de grote flessen kopen, ik vind iets van de Latino desorganisatie wel grappig. Mijn gids verontschuldigt zich, hij is namelijk erg druk en de dag staat op afsluiten, hij moet nog het een en ander doen. Ik wordt weer bij de secretaresse afgeleverd en waar ik een miniflesje erg oude rum krijg, op voorwaarde dat ik mijn naam in het gastenboek schrijf. Geen probleem dus.

Tussen het suikerriet door loop ik terug naar de openbare weg, ondertussen het foldertje lezend dat ik kreeg, waar een hoop letterlijk vertaald, en dus erg slecht, Engels in staat. Op de hoek van de straat wacht ik op de bus, maar krijg ik even later een lift van een oud busje dat vanaf de fabriek gereden wordt. Even daarvoor was een nieuwe pick-up truck al langsgereden (management?), maar deze neemt mij mee. De arbeiders uit de fabriek leveren me netjes af bij de bushalte aan de grote weg. Een paar dagen later drink ik twee smakelijke Cuba Libre’s met dank aan de fabriek Carta Vieja.

(David, Panama, mei 2000)

De website van Carta Vieja

 

Advertenties