Tags

, , , ,

Johan 4

Iedereen die wel eens op zaterdag op het voetbalveld komt, heeft hem wel eens gezien. Hij is er namelijk altijd. Van een uur voor zijn eigen wedstrijd, totdat de laatste wedstrijd ’s middags is afgelopen. B1 of A1 kijken is leuk. Nog veel leuker is het om zelf met een bal te spelen. Meestal weet hij dan wel een van de reserves of toeschouwers te verleiden om even een balletje met hem over te trappen. Zo niet dan kan hij zich ook alleen met een bal wel vermaken. Hooghouden of gewoon wat trucjes oefenen. De toeschouwers kijken net zo goed naar hem als naar de wedstrijd.

Hij zou het perfecte onderwerp zijn voor een van de gedichten van Henk Spaan. De titel “Bayram Usta, oftewel het plezier in voetbal”. Henk Spaan schuin achter hem staand vanuit de mist, declamerend, terwijl hij lachend de camera in kijkt. Halverwege het gedicht zou hij weglopen op zoek naar een bal. Stilstaan is niks voor hem, hij wil bezig zijn.

Zijn leiders zullen wel eens gek van hem worden. Hij pingelt namelijk nogal graag. Tot lering ende vermaak van de neutrale toeschouwer, tot wanhoop van zijn medespelers, de leiders in dubio langs de kant latend; moeten ze er nu wel wat van zeggen of niet. Net als ze willen schreeuwen dat hij de bal eens moet passen, passeert hij met een onnavolgbare beweging de laatste 2 verdedigers, legt de keeper met een schijnbeweging in de verkeerde hoek en scoort. Het ziet er zo eenvoudig uit als hij voetbalt. Terug naar de eigen helft hoort hij zijn leider nog wel wat zeggen over afspelen en vrijstaande medespelers. Hij lacht en kijkt onbegrijpend naar de leider. ‘Hij zat toch’, zie je hem denken. Dezelfde blik als Ronaldo soms heeft, wanneer Advocaat hem iets probeert uit te leggen. Ronaldo ziet dan in zijn gedachten de beelden die ze hem ooit hadden laten zien van zijn trainer. Een klein koddig mannetje met afgezakte kousjes. Meer inzet dan kunde. Nuttig, maar als 13 in een dozijn.

Bayram heeft alles in zich om een grote voetballer te worden. Net na de eeuwwisseling speelt hij in het eerste. Op zondagmiddag zijn kunstjes tentoonspreidend, scoort hij en zal hij lachen naar de Langkamp of de Advocaat in de dug-out. In de bespreking vooraf had deze hem het woord effectiviteit nog eens uitgelegd, alsof hij de eerste de beste vluchteling was die de taal nog niet machtig is.

Er zijn ook nog andere mogelijkheden. Hij wordt al eerder weggekocht door een regionale betaalde voetbal organisatie en zijn ster zal stralen in de PTT-Telecompetitie. Maar net zo goed zegt hij op zijn vijftiende dat hij genoeg heeft van dat gezeur van trainers, dat hij voor zijn plezier wil voetballen. Liever op straat dan met opdrachten. Liever voor zijn lol in GFC 3, dan in het keurkorps dat moet presteren. Want de lol blijft het belangrijkst. Als hij een bal aan de voet heeft, zie je zijn lach verschijnen. Tegenstanders dollend, scorend, medespelers negerend. Bayram Usta, oftewel het plezier in voetbal. Zou iemand Max een keer fax kunnen sturen?

Advertenties