Tags

, , , ,

Andre Manuel is niet de beroemdheid die hij zou kunnen zijn. De keuzes in zijn leven zijn altijd gemaakt zonder enig compromis. Daarom kent u hem misschien als cabaretier. Hij won een decennium geleden meerdere festivals. Misschien als zanger, met zijn eerste band Fratsen en zijn huidige band Krang maakte hij enkele liederen die mijns inziens tot de beste horen die ooit in het Nederlands zijn geschreven. Misschien kent u hem als mediapersoonlijkheid, hij schrijft wel eens een column, verschijnt een enkele keer op televisie en is te horen op de (regionale) radio. Ondanks zijn talent, kreeg hij de meeste publiciteit toen hij werd gearresteerd vorig jaar. Als tegenstander van de monarchie vond hij het namelijk wel grappig om in zijn blote kont voor het raam te gaan staan toen Maxima zijn dorp Diepenheim bezocht. Het liep af met een sisser, slechts een boete voor zijn actie was het gevolg. “Mag je in je eigen huis al niet eens meer naakt rondlopen?” was zijn terechte commentaar.

Een purperen hemel
Geel zijn de wegen
Ik ben de bezem
Wie zal ik vegen
Groter dan god
Nooit zal ik buigen
Langs de kant van de weg
Staat de duivel te juichen
Allez Pantani! Slik dit poeder
’t is geen voet van een col
’t zijn de borsten
van uw moeder
Drink de bergen voeten dansen
Zelfde ronde nieuwe kansen

In 2000 verscheen de CD “Ten Aarzel” van Krang. Op het album het nummer Pantani. Tot dan toe heeft Manuel in zijn carrière nooit enige blijk gegeven van interesse in de wielersport. Over voetbal wil men hem wel eens wat vragen. Onlangs nog werd hij in de “Johan” gevraagd naar zijn mening over die sport. Het feit dat zijn vader de scheidsrechter was die de beroemde penalty van Cruijff en Olsen goedkeurde, heeft daar zeker mee te maken. Maar wielrennen? Cynici zullen meteen beweren dat de ophef die de sport in die tijd creëerde hem inspireerde en dan voornamelijk het gebruik van verboden middelen. Hij heeft er tenslotte nooit een geheim van gemaakt dat hij zijn sigaretten niet altijd light rookte. En pas na de tour van ’98, voor velen bekend als de ‘Doping tour’ schrijft hij een nummer over die sport. In de teksten van zijn bands is de cabaretier, de poëet terug te vinden. Het eerste couplet werd rustig, bijna gesproken, voorgedragen. De muziek is bijna begeleidend. Alsof het puur om de tekst gaat. Dan barst het refrein los.

Herman Brood op een fiets
Tour de France Junkie
Fietsen is niets
Fietsen is Funkie
Berg na berg
Met een vinger in de neus
Vanaf heden luidt de leus
De bergen vallen mee
Rij de Tour op L.S.D.

De cynici lijken gelijk te krijgen. Hij vergelijkt wielrenners met junkies. De beroemdste renner die verdacht wordt van doping gebruik, zelfs geschorst wordt, is dus vergelijkbaar met ’s lands beroemdste junkie, toen nog in leven. Het refrein is harder en sneller dan het eerste couplet, maar al in de laatste regel klinkt het ‘op L.S.D. bijna gefluisterd. Het volgende couplet volgt.

L’Epo C’est Moi
Verdoemd tot het niets
Vliegende Hollander
Spook op een fiets
Een Ghostdance
Op de pedalen
In het donker
Zullen we stralen
Allez Pantani!
Snuif dit poeder
’t is geen voet van een col
’t zijn de dijen van uw moeder
de fiets digitaal
de mens analoog
en mochten we vallen
dan is het omhoog

Veel beeldspraak, niet altijd even begrijpelijk. Opvallend is de tekstwijziging midden in dit couplet. De tekst, zoals hier afgedrukt, is de versie van de live-CD “Brussel” van een jaar later. In de oorspronkelijke versie klonk “Allez Gazelle!”, een referentie naar het bekende fietsmerk, al kan het natuurlijk ook de gracieuze tred van de wielrenner zijn die dankzij het poeder de berg zonder problemen beklimt. Waarom het een jaar later toch weer naar Pantani verwijst is niet duidelijk. Het duale komt toch regelmatig terug in zijn teksten. Alsof hij zelf niet de keuze voor de luisteraar wil maken.

Herman Brood op een fiets
Tour de France Junkie
Fietsen is niets
Fietsen is Funkie
Berg na berg
Met een vinger in de neus
Vanaf heden luidt de leus
De bergen vallen mee
Rij de Tour op L.S.D.

Het langgerekte L.S.D. klinkt als een oerschreeuw, een techniek die wel vaker in de muziek van zowel Fratsen als Krang gebruikt wordt. Het kan een aanklacht zijn tegen de valsspeler. Het kan ook een schreeuw om aandacht zijn. De wanhopige renner die ten einde raad toch maar naar middelen grijpt om weer de kampioen te worden die iedereen altijd in hem zag. De kampioen waar hij vroeger altijd van droomde.

Andre Manuel doet een poging om de twee beroepen uit zijn leven (cabaretier en muzikant) te combineren. Hij is in Nederland vrij uniek daarin. Natuurlijk zijn er voorbeelden te vinden die succesvoller zijn. En over smaak blijft het moeilijk discussiëren Maar dat hij op zijn manier beide beroepen invult is een feit. Of hij een echte wielerliefhebber is, valt nog steeds niet te bepalen.

Arc de Triomphe
Champs-Elysées
Trip de France
Legalisé
Ik fiets ik besta
Het podium blank
Obelix de val
En een ketel toverdrank

Een klein stukje cultuur kan nog even meegepikt worden. De verwijzing naar de toverdrank van Obelix is misschien niet een bijster originele vondst, maar wel een leuke. De vergelijking gaat zeker op. Eerder in het lied refereerde hij ook al aan de Franse geschiedenis (L’Epo C’est moi). Het lied gaat dus over Pantani in de Tour. Niet over de mens en zelfs niet over de wielrenner an sich. Dat zelfs de filosoof Descartes nog verwerkt wordt duidt aan dat hij over de tekst heeft nagedacht. Of wil dat de luisteraar er over nadenkt. Dat is in ieder geval gelukt. Want “Pantani” is zeker niet zo maar een wielerlied. Ik betwijfel zelfs of er iemand is die het helemaal begrijpt. Maar waar staat dat we alles moeten begrijpen voordat we iets mooi mogen vinden?

Advertenties