Tags

, , ,

JOHAN 4

Een columnist moet wel een ijdel persoon zijn. Hij heeft niet alleen een mening, hij wil ook nog eens dat anderen zijn mening lezen. En zelfs dat is niet genoeg voor hem; die mening moet aanzetten tot discussies.

Het schrijven van een column is een tegenstrijdige bezigheid. Een column moet niet alleen actueel zijn, ook moet hij tijdloos zijn (dan kan hij ooit in een bundel verschijnen…). Een column moet tegendraads zijn, maar ook weer velen aanspreken. De columnist wil in een eigen stijl schrijven, maar zou ook wel met “Grote” columnisten vergeleken willen worden. Tenslotte moet een column origineel zijn, maar ook weer een bevestiging van andermans gedachten zijn. Een schier onmogelijke opgave dus.

Wanneer je column dan ook nog eens over voetbal moet gaan, worden de mogelijkheden nog eens beperkt. Op zondagavond (een weekend voetbal zit er op) heeft de columnist vaak een idee, een dag later blijkt dat Jan Mulder hem is voorgeweest. Zijn tweede optie blijkt op woensdag door Johan Derksen of Kees Jansma te zijn ingepikt. Na Youp van ’t Hek op donderdag zijn zijn ideeën op.

Aan het eind van de maand moet ook in de Goal weer zijn stukje staan. Daarbij wordt hij soms nog tegengewerkt. Het bestuur is het niet altijd met hem eens, zelfs zijn hoofdredacteur staat niet altijd achter hem.

Uiteindelijk staat er toch weer iets op het papier. Meestal is hij zelf niet tevreden, maar fleurt hij op als hij hoort dat er over gepraat wordt. Met frisse moed begint hij weer aan zijn volgende column. De cyclus begint weer, de deadline nadert. Geheel ten einde raad doet hij iets wat hij nooit wilde doen. Het lijkt een beetje incestueus. Een column schrijven over het schrijven van een column.