Tags

, , , , ,

Lance Armstrong – Door de pijngrens
ISBN 90-274-7142-8

In de verloren uurtjes tijdens de Tour de France had ik tijd om te lezen, de keuze voor een boek over wielrennen is dan ook logisch. Maar na dit boek gelezen te hebben, concludeer ik dat dit geen wielerboek is. Natuurlijk, het is geschreven door een wielrenner, gaat over een wielrenner, maar het gaat eigenlijk niet echt over de sport. Het is het levensverhaal van de man die ons een paar jaar geleden verbaasde door de Tour de France te winnen, nadat hij een nog moeilijker strijd al had gewonnen; de strijd tegen kanker.

Het verhaal is ondertussen bekend, zelfs in zijn geboorteland dat wielrennen toch niet echt als een sport ziet, is hij een beroemdheid. Het boek leest lekker weg, je krijgt een hoop informatie over zijn gevecht met de ziekte. Toch, ergens tijdens het lezen, bekroop mij het gevoel dat ik ook steeds vaker heb als ik hem op de fiets zie zitten. Ik geloof hem niet meer.

De eerste hoofdstukken leren we de jonge Lance kennen, de ultieme sporter. Een sporter die ik graag mag. Tegen alle tradities in, altijd aanvallend rijden, nooit denken aan verliezen. Een erg Amerikaanse manier van omgaan met sport, in een traditionele sport als het wielrennen niet echt gebruikelijk. De nederlagen die hij leed, leerden hem meer over het vak dan hij ooit had gedacht. Toen kwam de dag dat er kanker werd geconstateerd. Van het begin tot het eind maken we het hele proces mee. Gedetailleerd en openhartig verteld hij over alles wat er bij komt kijken. De dokters liegen hem voor, geven hem een redelijk percentage (in zijn ogen) als overlevingskans. Later hoort hij dat ze het in werkelijkheid op 3% schatten.

Na zijn genezing komen de psychische problemen. Ook begrijpelijk. Waarom zou je hard op een fiets gaan rijden, als je net van kanker bent genezen. Dan komt het gedeelte dat ik niet begrijp. Het verhaal over zijn eerste touroverwinning. De Armstrong die we tot dan toe hebben leren kennen als een control-freak, iemand die alles weet van zijn ziekte, zichzelf bijna als dokter ziet, die persoon vertelt dan over zijn sport. En hij vertelt onwaarheden. Hoe is dat in godsnaam mogelijk? In de eerste grote tijdrit komen nooit renners buiten de tijdslimiet binnen. Als je al twee tijdritten hebt gewonnen, dan is de laatste tijdrit met meer dan 7 minuten voorsprong niet meer een kwestie van maken of breken. Armstrong weet dan net zo goed als iedere andere wielrenner, net als iedere wielerfan. Een verklaring is dat de co-auteur, Sally Jenkins, niet vermeldt op de kaft overigens, dat gedeelte niet goed heeft begrepen. Of hij heeft het verhaal wat mooier willen maken voor het Amerikaanse publiek. Het is een duidelijk ‘feel-good’ boek, waar ze in de Verenigde Staten gek op zijn, misschien is dit dus inderdaad geen wielerboek, maar een boek voor de massa over de zieke sporter die beter werd en de beste werd. Zo lang het verhaal dan maar dramatisch genoeg is, dan mag de waarheid wel wat geweld aangedaan worden.

Gevolg: als die details niet helemaal correct is, is de rest dat dan wel? Een logische redenering volgens mij. Het hele verhaal lijkt allemaal erg open en eerlijk, tot en met de lulligste details aan toe (de donatie van sperma bij een spermabank voor de operatie), maar het verhaal hoe hij zijn vriendin kort na de ziekte dumpte en inruilde voor een nieuwe, zijn huidige vrouw Kristin, wordt in een alinea even vermeld. De vraag die de Franse pers hem zo vaak stelde, “Hoe kan iemand die zo dicht bij de dood was zo sterk zijn zonder doping te gebruiken”, is niet een vreemde vraag. In plaats van de pers aan te vallen, had hij de vraag ook gewoon kunnen beantwoorden. Mijn twijfels zijn alleen maar groter geworden. Wanneer je van insiders hoort dat zo goed als iedere prof gebruikt, waarom zou hij dan de uitzondering zijn? Waarom zou hij, die EPO nog kent van zijn behandeling, het niet gebruiken, terwijl anderen dat wel doen? Is hij dan de enige die echt schoon is? En juist hij verslaat iedereen, het zou de oplossing voor het dopingprobleem kunnen zijn. Niet gebruiken en je gaat er beter van rijden. Aan het eind van het boek zijn er meer vragen dan antwoorden. Boze tongen hebben al eens de suggestie gedaan dat je van het gebruik van middelen ook ziektes kunt kweken. Ik zou niet zover durven gaan, maar de gedachte is ook wel eens door mijn hoofd geschoten. En dat vind ik jammer, tenslotte was ik een decennium terug een fan van die gekke Amerikaan die op jonge leeftijd al wereldkampioen werd.

Als je dus een ‘leuk’ verhaal wilt lezen over een kankerpatiënt die weer beter werd, dan is dit boek zeker een aanrader. Ben je een wielerfan net als ik, lees het dan kritisch. Trek je eigen conclusie.

Advertenties