Tags

, , ,

Iedereen zal zich Schumacher herinneren als de keeper die die overtreding maakte op Battiston, op het WK in Spanje, 1982. Sommigen weten nog dat hij soms een irritant goede keeper was. Achterop de kaft lezen we dat dit boek het ‘Erfolgreichstes Sportbuch aller Zeiten’ is. Het baarde in ieder geval veel opzien toen het boek verscheen in 1987. Het leverde meerdere schandalen op, de schrijver werd zelf geschorst voor het Duitse elftal, al bleken er geen leugens in het boek te staan. Heel Nederland herinnert zich nog de goal van Van Basten in Hamburg, de keeper die de bal net niet stopte, was de middelmatige Immel. Misschien is dit boek wel de oorzaak Nederlands grootste voetbalsucces.

Waarom was dit verhaal nou zo opzienbarend? Vele biografieën van voetballers blinken uit door nietszeggendheid. In Engeland publiceren 20 jarige neo-vedetten al hun ‘Story so far’. Leuk voor echte fans, vulling voor de boekenkast, maar totaal nutteloze bijdragen aan de voetballiteratuur. Zo niet ‘Anpfiff’, een boek door de speler zelf geschreven (geen Ghostwriter nodig) waarin werkelijk staat hoe het is, waarin de speler niet diplomatiek met zijn mening omgaat. Ik denk er zo over en iedereen mag dat weten, lijkt de houding van de speler te zijn.

En ik geef maar meteen toe, ik vind het niet alleen een goed boek, aan het eind van het boek vind ik de verguisde keeper zelfs een sympathiek man! Het verhaal van kleine Harald uit een arbeidersgezin, die grote Toni van FC Köln wordt is natuurlijk een verhaal zoals zo vele. Maar de eerlijkheid waarmee hij zijn fouten opbiecht, de openheid waarmee hij de voetballerij belicht en zijn woordkeus maken dat ik niet anders kan voelen. Dus die keeper met die grote bek, die vervelende nooit tevredene slachter in het doel blijkt plotseling een mens te zijn. Want boven alles is zijn verhaal er een van liefde voor het spelletje.

De relletjes kwamen door twee hoofdstukken. Hoe leeft een voetballer in een trainingskamp naar een toernooi toe was het eerste. Terwijl in ons kikkerlandje altijd wat aan de hand lijkt te zijn, blijkt het bij onze oosterburen niet anders te zijn, alleen totdat Toni er over vertelde wisten we het niet! Rummenigge wil meepraten over de opstelling, maar is zelf geblesseerd, jonge spelers worden door Breitner onder tafel gezopen en tegelijkertijd blut gekaart. Ontevreden spelers vormen kliekjes en gaan stemming maken. Je krijgt bijna de indruk dat Schumacher de enige echte topsporter in het Duitse team was op het WK te Mexico. Maar wanneer ze de finale verliezen trekt hij het boetekleed aan. Hij heeft geen blunder gemaakt, maar weet dat wanneer hij zijn normale niveau had gehaald, Duitsland zou hebben gewonnen.

Het andere hoofdstuk gaat over doping. Hier neemt hij een aantal spelers in bescherming, hij noemt geen namen. Voor de insiders van het Duitse voetbal was het destijds echter niet moeilijk te zien op wie hij doelde. Zijn eigen ervaringen met doping tijdens een training worden frank en vrij besproken. Zijn conclusie was dat hij er geen baat bij had.

En dan is er natuurlijk nog de ‘affaire Battiston’. Ik zal u het verhaal besparen, maar de conclusie is dat ik geloof dat Toni inderdaad geen opzettelijke overtreding maakt. De Fransman verteld later het zelfde verhaal. Ik kan maar een conclusie trekken: Toni heeft een goed boek geschreven en is geen omsympathieke Duitser. Soms wilde ik dat ik het boek in die opruimbak had laten liggen.

TONI SCHUMACHER
ANPFIFF, Enthüllingen über den Deutschen Fußball
Knaur München
1987
ISBN 3-426-03929-x

Advertenties